Home | About | Disclaimer | Emea.nl

Door uw gerechtigheid

Psalm 89:20-38

20 Ooit hebt u in een visioen gesproken tot uw getrouwen en gezegd: ‘Ik heb hulp geboden aan een held, een jongen uit het volk verheven. 21 In David vond ik een dienaar, ik zalfde hem met heilige olie. 22 Mijn hand geeft hem steun, mijn arm maakt hem sterk, 23 geen vijand zal hem overvleugelen, geen boosdoener hem bedwingen, 24 zijn belagers zal ik voor zijn ogen verslaan, zijn haters vermorzelen. 25 Mijn trouw en mijn liefde vergezellen hem, door mijn naam zal hij in aanzien stijgen. 26 Zijn linkerhand leg ik op de zee, zijn rechterhand op de rivier. 27 Hij zal tot mij roepen: “U bent mijn vader, mijn God, de rots die mij redt!” 28 Ik maak hem tot mijn eerstgeborene, tot de hoogste van de koningen der aarde. 29 Mijn liefde zal hem altijd beschermen, hecht is mijn verbond met hem. 30 Zijn dynastie houd ik voor altijd in stand, zijn troon zolang de hemel duurt. 31 Als zijn zonen zich afkeren van mijn wet, niet leven naar mijn voorschriften, 32 mijn wetten schenden, mijn bevelen niet opvolgen, 33 dan zal ik hen tuchtigen voor hun misdaden, hun zonden bestraffen met slagen. 34 Maar mijn liefde zal ik hem niet afnemen, mijn trouw aan hem niet breken, 35 ik zal mijn verbond niet schenden, mijn woorden niet herroepen. 36 Eens heb ik dat bij mijn heiligheid gezworen, nooit breek ik mijn woord aan David. 37 Zijn dynastie zal altijd voortleven, zijn troon voor mij staan als de zon, 38 als de maan die standhoudt voor eeuwig, trouwe getuige aan de hemel.’ sela (NBV)

Hoewel deze Psalm gaat over David, de koning van Israël, de beste koning die ze ooit hebben gehad, zingt dezelfde Psalm dat niet David maar God op de troon van Israël zit. Het is dan ook een lied op de successen van Israël. Dat ging pas goed als er gerechtigheid en recht in het land heerste. Dan konden de armen, die vanouds het eerst onderdrukt worden, zich weer oprichten. De waarheid komt dan aan het licht en door de liefde kunnen mensen die het nodig hebben ook echt geholpen worden. Als een volk door heeft dat het door die God van Israël komt dan kan dat volk ook weer juichen voor die God. In ons land lijkt het er vaak op dat het geloof in de God van Israël alleen maar gaat over wat fatsoenlijke mensen niet meer mogen. Vooral bloot mag niet meer en elkaar stevig de waarheid zeggen dat mag ook niet. Maar over het uitbuiten van armen, de exorbitante zelfverrijking bij Banken en grote bedrijven wordt gezwegen. De oneerlijke handelsverhoudingen die arme boeren tot stoppen dwingen en duizenden in Afrika in honger laten worden zelfs verdedigd, we moeten onze eigen rijkdom beschermen.

De gerechtigheid waarover deze Psalm zingt is dan ook bij ons meer dan nodig, ook in onze wereld moeten mensen zich oprichten die nu nog onderdrukt en uitgebuit worden. Het arme volk heeft altijd al een visioen, een droom gehad, van een held, een bevrijder die zou opstaan en de onderdrukkers zou bevrijden. De dichter van de Psalm denkt daarbij natuurlijk aan David maar ook in onze dagen lopen mensen maar al te graag leiders na die hen de hemel beloven. Dat is gevaarlijk, David liep er aanvankelijk voor weg, en ook David had de nodige fouten in zijn leven. De successen van David waren volgens deze Psalm de successen van God en daarom kunnen wij alleen spreken over leiders die ons zouden kunnen bevrijden als ze de wetten van de God van Israël in ons midden zouden zetten, de belangrijkste wet het heb Uw naaste lief als Uzelf. In Israël waren alle eerstgeborenen aan God gewijd, dat wat je het eerste krijgt was niet voor jezelf maar was voor God die het kon gebruiken om gerechtigheid te doen, om de zwakken te helpen. De eerstelingen van de oogst waren dan om de hongerigen te voeden.

Maar David was geen eersteling, hij was de jongste van zeven broers. Hij werd eersteling gemaakt zingt de Psalm. Daarmee kunnen we allemaal eerstelingen worden, daarmee kan iedereen gewijd worden aan de God van Israël en bestemd worden om de onderdrukten te bevrijden, om de armen gerechtigheid te doen, om de hongerigen te voeden. Dan kan iedereen een plaats krijgen in de dynastie van David, opvolger worden van de koning van vrede en gerechtigheid. Die koningen, opvolgers van David die zich niet aan die heerschappij van de God van Israël onderwerpen, die zichzelf verrijken, de armen onderdrukken, de vreemdelingen vernederen, zullen uit de dynastie verwijderd worden staat hier. Want, zo staat er, de liefde van de God van Israël voor zijn volk, voor alle volken, zal niet verminderen, God blijft trouw aan wat zijn hand begon. Een troostrijke Psalm, een troost die ons nieuwe moed mag geven om ook vandaag weer te werken aan die nieuwe hemel en die nieuwe aarde, een aarde waar God zelf zal wonen.

Laat een Reaktie achter