Selecteer een pagina

Spreuken 11:17-31

17 Wie liefdevol is, bewijst zichzelf een weldaad, wie wreed is, schaadt zichzelf. 18  De winst van een goddeloze is bedrieglijk, het loon van een rechtvaardige is duurzaam. 19 Wie werkelijk rechtvaardig is vindt het leven, wie uit is op het kwaad de dood. 20 De HEER verfoeit bedriegers, wie eerlijk leven, zijn hem welgevallig. 21 Zo zeker als een onrechtvaardige gestraft wordt, zo zeker gaat het nageslacht van een rechtvaardige vrijuit. 22 Schoonheid bij een vrouw zonder verstand is een gouden ring in de snuit van een varken. 23 Wat een rechtvaardige verlangt, brengt niets dan goeds, wat een goddeloze hoopt, veroorzaakt rampspoed. 24 Wie vrijgevig is, wordt almaar rijker, wie gierig is, wordt arm. 25  Een gulle gever zal gedijen, wie te drinken geeft, zal te drinken krijgen. 26 Wie zijn graan vasthoudt, wordt door het volk vervloekt, wie het verkoopt, wordt gezegend. 27 Wie het goede zoekt, zal waardering vinden, wie het kwade zoekt, wordt door het kwaad getroffen. 28 Wie vertrouwt op zijn rijkdom is een blad dat valt, een rechtvaardige komt tot bloei. 29 Wie have en goed verwaarloost, krijgt er wind voor terug, zo’n dwaas wordt de slaaf van een wijze. 30 Een rechtvaardig mens plant een levensboom, wie wijs is, neemt veel mensen voor zich in. 31 Een rechtvaardige krijgt op aarde zijn loon, zondaars en goddelozen niet minder. (NBV)

Hadden we bij het lezen van het eerste deel van dit hoofdstuk het nog over de manier waarop mensen zich tot elkaar verhouden bij het handeldrijven, in het tweede deel van dit hoofdstuk gaat het meer in het algemeen over hoe mensen zich tot elkaar verhouden in de samenleving. Waarbij die samenleving natuurlijk ook de plek is waar handel wordt gedreven en waar wordt genoten van de vruchten van dat handeldrijven. De nadruk ligt in een aantal verzen op het vermogen te zwijgen over wat je ziet. Je ergert mensen niet, je zet mensen niet tegen je op, je verspreidt geen laster en, wat het allerbelangrijkst is je beschadigt geen mensen, zeker niet per ongeluk of ondoordacht. Dat zwijgen goud is blijkt uit dit gedeelte van het boek Spreuken. In onze samenleving, waar ieder detail van mensen over straat kan gaan, zijn deze spreuken hoogst actueel en wellicht volledig vergeten, er zijn immers mensen die een goed bestaan hebben aan de roddel die ze verspreiden.

Het boek Spreuken lijkt ook na herhaaldelijk lezen een losse verzameling spreekwoorden. Nu komt dat ook doordat sommige vertalingen dat versterken. In een oude vertaling staat bijvoorbeeld “wie laaft wordt ook gezalfd” waar tegenwoordig staat “wie te drinken geeft zal te drinken krijgen” Dat laatste zal eerder in het spraakgebruik worden opgenomen dan het eerste maar we hebben er al een prima spreekwoord voor: “Wie goed doet, goed ontmoet” Het vat het hele deel samen dat we vandaag uit het Spreukenboek lezen. Maar we moeten in de gaten blijven houden dat het nog steeds gaat om de manier waarop mensen met elkaar omgaan. Daarbij is het boek Spreuken de alledaagse uitwerking van de leer van Mozes, de leer die God gaf op de Horeb en die zich laat samenvatten als “Heb God lief boven alles en doe dat door je naaste lief te hebben als jezelf.” De Wijze wordt nog steeds tegenover de dwaas gezet.

De sociaal levende mens tegenover de egoïst. En ook al draagt een aap een gouden ring, het is en blijft een lelijk ding. Uiterlijke opsmuk, uiterlijke sier telt niet, alleen het gedrag telt. We zeggen zo gemakkelijk dat het innerlijk telt maar het innerlijk is alleen voor God zichtbaar en God wil nu eenmaal graag dat zijn heerlijkheid voor alle mensen zichtbaar wordt en dat wordt alleen zichtbaar in de liefde voor de naaste. Een rechtvaardige, iemand die de ander tot zijn of haar recht weet te laten komen is een mens van wie iets uitgaat. Die mens is op anderen ingesteld en merkt het direct als het die ander niet zo vergaat als hij zou willen dat het hem zelf zou vergaan. Doe de ander niet wat jij niet wil dat jou gedaan wordt is immers maar de helft van het verhaal. De andere helft is dat je de ander zou moeten doen wat jij zou willen dat jou gedaan wordt. Daar moeten we ons elke dag opnieuw bewust van zijn.