Selecteer een pagina

Deuteronomium 28:27-44

27  De HEER zal u treffen met zweren als Egypte destijds, met builen, uitslag en schurft, met ongeneeslijke ziekten. 28  De HEER zal u treffen met krankzinnigheid, blindheid en verstandsverbijstering. 29  U zult op klaarlichte dag in het duister tasten, zoals een blinde op de tast zijn weg moet zoeken. Alles wat u onderneemt zal mislukken. Dag in dag uit zult u worden beroofd en uitgebuit, en er is niemand die u komt redden. 30  U zult een bruid hebben gevonden, maar een ander zal met haar slapen. U zult een huis bouwen, maar er niet in wonen. U zult een wijngaard planten, maar niet zelf van de eerste vruchten genieten. 31  Uw runderen worden voor uw ogen geslacht, maar van het vlees zult u geen stukje krijgen. Uw ezel wordt u afgenomen en u ziet hem niet meer terug. Uw schapen en geiten worden aan uw vijand gegeven, en er is niemand die u te hulp komt. 32  U zult moeten aanzien dat uw zonen en dochters aan een ander volk uitgeleverd worden. Met smart wacht u op hun terugkeer, elke dag opnieuw, maar u staat machteloos. 33  Een onbekend volk zal zich te goed doen aan alles wat uw land voortbrengt en waarvoor u zich hebt ingespannen. En u wordt mishandeld en uitgebuit, dag in dag uit. 34  U zult gek worden van alles wat u voor uw ogen ziet gebeuren. 35  De HEER zal u treffen met vreselijke, ongeneeslijke zweren aan knieën en dijen, die u ten slotte van voetzool tot kruin bedekken. 36  De HEER zal u, met de koning die u hebt aangesteld, laten wegvoeren naar een land dat u vreemd is en dat ook uw voorouders onbekend was. Daar zult u andere goden vereren, goden van hout en van steen. 37  U zult voor de inwoners van al die landen waarheen de HEER u verbant een schrikbeeld zijn, en een doelwit voor hun spotwoorden en schimpscheuten. 38  U zult uw akkers overvloedig inzaaien, maar doordat de sprinkhanen ze kaalvreten zal het een schrale oogst worden. 39  U zult wijngaarden planten en bewerken, maar door vraat van rupsen zal er geen druivenoogst zijn en zult u geen wijn kunnen drinken. 40  U zult overal olijfbomen hebben staan, maar doordat ze hun vruchten voortijdig verliezen zal uw huid het zonder olie moeten stellen. 41  U zult zonen en dochters verwekken, maar ze niet zien opgroeien, want ze zullen in ballingschap worden weggevoerd. 42  Sprinkhanen zullen zich meester maken van uw bomen, van alles wat op uw land groeit. 43  De vreemdelingen die bij u wonen zullen u volkomen voorbijstreven, en u raakt steeds verder achterop.44  Zij zullen u leningen verschaffen, maar u zult zelf nooit iets te leen kunnen geven. Zij zullen de eerste plaats bekleden en u de laatste. (NBV)


Lekker is dat, heb je een hele week hard gewerkt krijgt je uit de Bijbel te lezen dat je alles kwijt zult raken, dat het je overal tegen zal zitten, dat anderen je voorbij zullen streven en dat je er niks maar dan ook helemaal niks van zal bakken. Juist in dit soort Bijbelgedeelten lijken de Bijbelschrijvers maar door en door te kunnen gaan, niks maar dan ook helemaal niks meer lijkt er te gaan deugen. En waarom? Omdat je je niet gaat houden aan de wet van houden van je naaste als van jezelf. Laat je nou niet wijsmaken dat dat houden van de Wet van God een soort geestelijke reis zou zijn. Nog erger zijn de gelovigen die er van uit gaan dat je niks kan en dat er van je streven niks deugt en dat al een goede genade van God is, je verdient ook niks dus je moet niet zeuren. Zij denken dat het houden van de wet in de Bijbel hetzelfde is als het houden van de wet in onze op het Romeinse Recht gebaseerde samenleving. Het houden van de Wet in onze samenleving heeft tot gevolg dat alles bij het oude blijft, het vervullen van de Wet waar in de Bijbel om wordt gevraagd veranderd de hele bewoonde wereld in een Paradijs. 

Juist dit soort Bijbelgedeelten maken duidelijk dat het echt gaat om het leven van alle dag. Niet om de zondagse luxe van meditatie en bezinning maar van het harde leven van de rest van de week. Het leven met je gezin, je ouders en kinderen, je huis, je buurt, je dorp en stad, je land en volk, je werk en je eten en drinken. Bij al die zaken gaat het er om ze in het teken te zetten van zegen te zijn voor een ander, voor de vreemdeling, de weduwe en de wees zoals Deuteronomium niet ophoud te onderstrepen, wij zeggen dan tegenwoordig voor de zwakke in de samenleving, voor de zieke, de werkloze, de onderdrukte. Een opgave waar je weer een hele werkweek mee bezig kan zijn. Maar niet vergeefs. De waarschuwingen zijn wel grondig, niets wordt er overgeslagen, zodat je weet dat uiteindelijk de beloning ook even groot zal zijn. Zoals jij van anderen houdt zal er ook van jou gehouden worden en elke keer als je tot de ontdekking komt dat je je er niet helemaal aan hebt kunnen houden, dan mag je opnieuw beginnen. Niemand hoeft je daarbij te vertellen wat je verkeerd doet want je bent zelf de eerste die weet wanneer je niet tevreden kunt zijn met wat je hebt gedaan. 

Als iemand kritiek heeft deze week dan vertelt dat iets over die iemand zelf en misschien dat je die iemand kunt helpen. Bezig zijn met de Bijbel en het leven uit het Koninkrijk van recht en vrede kan jou helpen. Er is wat dat betreft een wereld te winnen. Zelfs als het recht aan jou kant staat, dan nog loop je de kans tot crimineel verklaard te worden. Dan worden kinderen uitgezet die hier geboren en opgegroeid zijn, dan worden vreemdelingen gevangen gezet zonder dat ze voor een misdrijf veroordeeld zijn. Dan weten we dat het anders kan, dat het anders moet, dat ons werken en handelen niet bij voorbaat tot mislukken gedoemd is maar dat er een kracht is die ons kan voortdrijven om het goede te doen en niet dan het goede. Daar verdienen we niet anders mee dan een rechtvaardige samenleving, daar worden we materieel niet beter van, daar kan ook niemand ons voor op de schouders kloppen en belonen, die kracht was er al voordat wij er gebruik van maakten, die droom van een rechtvaardige wereld was er al voordat wij die droom wilden realiseren. Maar wie zoekt naar de zin van ons bestaan vindt geen ander antwoord dat de zin van ons bestaan ligt in het geluk van de ongelukkigen, in het voeden van de hongerigen en het kleden van de naakten. Laat daar de komende week ons werken en streven en handelen op gericht zijn, dan komt er werkelijk wat van te recht.