Home | About | Disclaimer | Emea.nl

Dan zal je vreugde volmaakt zijn.

mei 17, 2012

Johannes 16:12-28

Vandaag viert de kerk het afscheid van Jezus van Nazareth. Die is niet meer onder ons, tastbaar als mens onder de mensen. Maar er is een troost, we mogen het met zijn geest doen. Die Geest wijst ons naar de volle waarheid, dat er namelijk een wereld kan komen zonder tranen, zonder dood, zonder ellende als we allemaal over de hele wereld gaan houden van onze naaste als van onszelf. In de dagen van Johannes, toen dit Evangelie werd geschreven, geloofde men dat het niet lang zou hoeven te duren. De Tempel in Jeruzalem was verwoest en het volk Israël over heel de toen bekende aarde verspreid. Inmiddels weten we dat we moeten leven alsof het elke dag zou kunnen gebeuren, de komst van die nieuwe hemel en die nieuwe aarde. Maar die komst zal niet vanzelf gaan dat kost pijn. Het komen van een nieuwe hemel en een nieuwe aarde is zoiets als een bevalling en die gaat gepaard met een enorme pijn al praten vrouwen daar nooit meer over.
 
Typische mannenpraat. Natuurlijk praten vrouwen niet meer over de barenspijn. Het kind zou eens mogen denken dat moeder het kind de pijn verwijt. Daarvoor houden moeders teveel van hun kinderen. Het laatste dat moeders willen is hun kinderen opzadelen met schuldgevoelens. Maar vergeten is er niet bij. Tot op hoge leeftijd kunnen moeders vertellen over de geboortepijn van elk van haar kinderen. Als die kinderen goed terecht zijn gekomen dan hoor je de trots over het doorstaan van die pijn er doorheen. Vergeten wordt het echter nooit. Maar mannen zouden dat wellicht niet begrepen hebben in de dagen dat Johannes dit opschreef. De komst van het Koninkrijk ging ook niet zonder pijn gepaard. Maar de vreugde over de vrijheid iets te mogen betekenen voor de minsten in de samenleving overheerst. Je mag je best afvragen waarom de mensen van de Weg van Jezus van Nazareth die weg bleven gaan ondanks de wrede vervolgingen. Het spreekwoord dat het bloed van de martelaren het zaad van de kerk werd is toch niet helemaal toereikend.

Jezus van Nazareth geeft in dit verhaal een mogelijke verklaring. Het vormen van een gemeenschap waarin slaaf noch vrije, Jood noch Heiden, man noch vrouw, oud noch jong is, maar waar mensen als gelijken van elkaar houden en waar het oog gericht is op de minsten, waar mensen alles willen delen tot zichzelf toe, is zo’n geweldige vreugde dat men er alles voor over heeft, tot het eigen leven toe, om dat te behouden. Het lijden wordt nergens in de Bijbel verheerlijkt om het lijden zelf. Het lijden is dan alleen zinvol als er nieuw leven uit ontstaat. En daar gaat de vergelijking met de barenspijn echt op. Vrouwen doorstaan die pijn, en doorstaan ook na het eerste kind die pijn opnieuw, omdat er nieuw leven ontstaat. Dat maakt die pijn dragelijk en te doorstaan. Dat was ook de ontdekking van de leerlingen na Pasen, het lijden en sterven van Jezus van Nazareth was  niet het einde van hun gemeenschap maar was een nieuw begin. Dat was het begin van een heel nieuw soort gemeenschap waar hij zelf mee aan tafel zat. Dat maakte dat die gemeenschap een eeuwigheidswaarde kreeg. Daar stegen mensen boven zichzelf uit, daar leek alles mogelijk. Niet dat iemand iets voor zichzelf vroeg, of de eerste of de baas wilde zijn. Nee iedereen wilde de dienaar van de ander zijn en samen waren ze er voor de minsten in de wereld. Niemand kon de vreugde van de leerlingen afnemen. Niemand kan nog steeds niet de vreugde afnemen van de mensen die hun eigen vreugde zoeken in de ogen van hen die hongeren en te eten krijgen, die naakt zijn en gekleed worden, die bedroefd zijn en getroost worden. Het was zo in de dagen van Johannes, doe het vandaag en je zult merken dat het vandaag niet anders is.

De Geest van de waarheid zal jullie de weg wijzen

mei 16, 2012

Johannes 15:26-16:11

Alle vier de Evangelieboeken zijn geschreven lang nadat de leerlingen van Jezus de wereld waren ingetrokken om, samen met Paulus en de zijnen overigens, de mensen de boodschap van de bevrijding te brengen. Die bevrijding van de armen ligt in de vrijheid die je krijgt door de Liefde. Niet langer gevangen zitten in de plaats die de maatschappij je heeft opgedrongen, slaaf, arbeider, vrouw, Jood, Heiden, Turk, Marokaan, Nederderlander, maar eindelijk echt mens te mogen zijn, broeder en zuster van al die andere mensen, vrij om elk mens te mogen helpen. Maar al die mensen gaan dood, of je dat nu wilt of niet, of je nu van ze houdt of niet, of ze nu ook geloven of niet. Daar moest natuurlijk een antwoord op zijn. En daar was een antwoord op.

Hadden ze met dat Pinksterfeest niet de Geest gekregen die hen er op uitgestuurd had naar al die mensen? Die Geest was hen voor Pasen al beloofd om van Jezus van Nazareth te kunnen getuigen.  En hadden ze na de kruisiging Jezus niet op nieuw gezien, als nieuw, als een levende Heer? Dat had Jezus dus willen zeggen en dat schreven ze dus hier maar op in dat boek van Johannes. Juist in die Geest konden ze opschrijven dat alles zal uitlopen op een Koninkrijk van Liefde, waar alle tranen zijn gewist en alle ellende over zal zijn. Een Koninkrijk dat de hele bewoonde wereld zal omvatten. Een Koninkrijk waar geen honger meer zal zijn omdat iedereen snapt dat je de landbouw eerst voor voedsel moet gebruiken en er voor moet zorgen dat iedereen te eten heeft. Alles is immers van God? Daarmee is alles van ons samen en niets is van iemand alleen. Dat was de bevrijding van de armen, de dood had daar geen betekenis meer. De dood regeerde niet meer, beslissingen werden genomen met het oog op het leven.

Hoe ingewikkeld soms ook de teksten van de Bijbel mogen klinken, de boodschap is heel eenvoudig. Het gedeelte van het verhaal dat we vandaag lezen staat in het verhaal nog voor Pasen. Pas na Pasen is het te snappen staat er. Dat gold voor de leerlingen in het verhaal maar dat geldt natuurlijk ook voor ons. Dat alles op aarde van iedereen is zul je maar toepassen. Ze zien je aankomen. Als je dat toepast op de hedendaagse samenleving dan leef je niet lang meer. Maar wie verdienen toch aan die sterk gestegen voedselprijzen? Als die stijgen steekt iemand toch het geld in eigen zak? Nergens ligt voedsel weg te rotten omdat niemand het meer kan betalen? Rijken zoals wij blijven gewoon ons eten kopen. Alleen de armen moeten in opstand komen. Dat betekent dat we op zoek moeten gaan naar hen die geld verdienen door de armen te laten hongeren. Dat betekent dat er mensen zijn aan wie we duidelijk moeten maken dat alles op aarde van iedereen is, want alles komt van God en is aan ons geschonken. Dat betekent dat we hen duidelijk moeten maken dat voedsel eerst voor de hongerigen is en pas daarna om aan te verdienen. Dat is de Weg van Jezus van Nazareth, geld regeert de wereld, maar de heerser van de wereld is al veroordeeld. In die geest mogen we werken aan dat Koninkrijk, elke dag opnieuw, ook vandaag

Mijn allermooiste is de enige

mei 15, 2012

Hooglied 6:4-12

Het Hooglied blijft poëzie van de bovenste plank. Geen enkel liefdesliedje uit de top 100 die sinds 1965 wordt samengesteld haalt het bij de liefdespoëzie van het Bijbelboek. Het blijft een genot om te lezen. Al moet je er wel voor in de stemming zijn. Soms klinkt het namelijk wel een beetje overdreven. Want wie zegt nu van zijn geliefde dat heur haar golft als een kudde geiten. Ze ziet je aankomen, zelfs de moderne reclames voor shampoos durven dat effect niet te beloven. Die beloven dat, komt regen storm of hagel, het haar blijft golven alsof je het net hebt gedroogd na een wasbeurt. Toch is het mooie taal, de taal van de liefde.

Heel andere taal als waarvoor Georg W.Bush zich voor moest verontschuldigen. Hij die zich zo vaak beriep op de Bijbel moest toegeven dat hij in de aanloop van de oorlog tegen Irak zo af en toe wat al te krijgshaftig en bloeddorstig had gesproken. Zeker toen duidelijk was geworden dat die wapens voor massavernietiging er echt niet waren, zoals de inspecteurs van de Verenigde Naties ook al hadden vastgesteld, en toen ook duidelijk was geworden dat de soldaten van Bush net zo goed konden martelen en mensenrechten konden schenden als de soldaten van Sadam Hoessein al die jaren hadden gedaan. Jammer natuurlijk dat er geen lering uit getrokken wordt. Dat Guantanamo Bay niet is gesloten, of overgedragen aan de VN.

De Bijbel vertalers hebben overigens grote moeite met de betekenis van de laatste tekst uit dit hoofdstuk en de beste vertaling ervan blijft wat duister. Voor wie de liefde bedrijft zal duidelijk zijn dat je boven jezelf kunt uitstijgen en het gevoel kan krijgen tot in de hoogste hemelen opgetild te worden. Daardoor hopen wij nog steeds op een internationale liefde die leidt tot de ontdekking dat je ook bij vreemden en voormalige tegenstanders te maken hebt met een nobel volk zoals hier beschreven in het Hooglied. Het moet toch ook in ons land de komende tijd duidelijk worden dat we ons voor niemand en niets angst moeten aan laten jagen. Dat ondanks alle problemen het vormen van één unie in Europa een eerste stap kan zijn op weg naar één Wereld waar alle mensen hun plaats krijgen en niemand regeert over een ander. Het mag dan zweverig klinken, de liefde verheft ons boven alle aards gewoel en zal ons een uitweg bieden uit het gewoel van de volken. Samen mogen we op weg, elke dag weer, ook vandaag.

Wat heeft jouw lief meer dan een ander?

mei 14, 2012

Hooglied 5:9-6:3
 
Hoe kun je goed spreken over je geliefde? Is die soms beter dan een ander? Kan hij of zij meer? Is hij of zij mooier? In dit stuk van het Hooglied kun je horen wat de goede manier is om goed te spreken over je geliefde. Alleen al het feit dat het je geliefde is maakt de persoon voor jou zo uitzonderlijk. Het houden van is genoeg om de geliefde boven alle mensen uit te verheffen. Niet zozeer jouw liefde maakt dat overigens bijzonder maar dat die liefde beantwoord wordt. Hier klinkt op geen enkele manier de bezitterigheid die we tegenwoordig zo vaak in liefdesverhalen tegenkomen. Het lijkt er op dat jonge mensen meer en meer grootgebracht worden juist met die bezitterigheid. Dat de ander niet van je zou kunnen houden komt niet meer op. Als jij wilt dat er van je gehouden wordt dan houdt niemand dat tegen. Zo is het natuurlijk niet. De liefde is een geschenk, waar je zeer dankbaar voor kunt zijn.

Een liefde die je zelf mag schenken aan je naaste zonder er iets voor terug te verwachten. Dat maakt het blijven schenken wel eens moeilijk. Mensen verwachten zo gemakkelijk dankbaarheid als een soort betaalmiddel voor de liefde die ze schenken. Maar liefde is pas echt liefde als je er niets voor terug hoeft te hebben. Stank als dank kan dan ook nooit een reden zijn het uitdelen van de liefde maar te staken. Alleen als de liefde, of de hulp, wordt opgedrongen gaat het over een grens heen, maar liefde zoekt nooit zichzelf. Dit geldt in een relatie, maar het geldt ook in het gewone leven. Het geldt zelfs in de nationale en internationale politiek. Dat de hulp die je aan een ander land geeft resulteert in kritiek op je handelsbarrières, als dat andere land zover is dat ze zelfstandig handel kunnen drijven, zou je trots moeten maken. Het is als kinderen die volwassen zijn en hun eigen plek in de samenleving hebben ingenomen.

Dat mensen misbruik maken van je voorzieningen zou je moeten doen afvragen hoe dat komt, waar worden mensen toch opgevoed tot inhaligheid, wie heeft ze toch dat voorbeeld gegeven? Of zou het feit dat mensen, die aangewezen zijn op een uitkering, bestempeld en behandeld worden als criminelen ze uiteindelijk doen beantwoorden aan dat beeld. Als dat het is wat we willen, krijgen we het misschien ook wel. Als je zo bang bent dat je partner liegt en als je die partner dus nooit vertrouwd, loop je de kans dat alleen daardoor al die partner gedwongen wordt op een goede dag te gaan liegen. De liefde als een kostbaar geschenk accepteren is daarom het beste, en het geven van liefde omdat je niet anders kunt maakt dat ook in jouw tuin de leliën gaan bloeien. We kunnen er elke dag opnieuw mee beginnen, ook vandaag weer.

Vertrouw niet elke geest

mei 13, 2012

1 Johannes 4:1-10
 
Vandaag lezen we verder in de brief die Johannes schreef aan de mensen in Turkeije die met dat nieuwe geloof in dat verhaal van Jezus van Nazareth op weg waren gegaan. We zoeken de lezingen niet zelf uit maar volgen het rooster dat door de kerken in Nederland is opgesteld en dat U kunt vinden op de internetpagina van de PKN. Toch hebben we al eens eerder vastgesteld dat die lezingen onverwachte doorkijkjes bieden op de actualiteit van alle dag. Zo begint de lezing van vandaag, zo net in de aanloop naar nieuwe verkiezingen, met de oproep om niet elke geest te vertrouwen, er zijn een heleboel valse profeten.  Johannes schrijft dat overigens ook in het gedeelte van vandaag.

Jezus kwam als mens ter wereld, als roedbloedige mens gemaakt uit bloedrode aarde zoals elk mens sinds die tijd geschapen is,  lazen we in het boek Genesis. Maar die mens is gemaakt naar het beeld en gelijkenis van God. En waar wij andere mensen met de kennis van goed en kwaad voortdurend andere goden nalopen bleef die Jezus van Nazareth zijn opdracht als zoon van God trouw en hield hij tot het bittere einde toe dat beeld van die God van liefde vol. De liefde voor mensen, wat ze je ook aandoen, staat daarbij centraal. Zo moeten ook wij elkaar liefhebben schrijft Johannes dan. Wij kunnen in dat spoor van Jezus onze bestemming als kinderen van God ook vinden.

De nieuwe verkiezingen geven ons nieuwe kansen om onze samenleving weer een beetje meer in overeenstemming te brengen met de droom die de Bijbel ons voorhoudt. Ook het boek Openbaring werd door een Johannes geschreven en vaak wordt aangenomen dat het dezelfde is als de briefschrijver wiens brief we vandaag weer ter hand hebben genomen. In dat boek wordt die droom nog eens opgeschreven, een droom waarin alle tranen gedroogd zijn, waarin alle volken gaan behoren tot het Koninkrijk van God, waar het vrede is en iedereen tot zijn recht komt. Niet het grauwe midden van orde en geen verschillen maken, maar het goede nastreven omdat het nu eenmaal het goede is. Zorgen dat de armen voorop staan, dat de zwakken beschermd worden, dat vrede gezocht wordt waar nog strijd is, dat we niet oordelen over mensen maar ze opnemen en mee laten doen in het goede, waar vreemdelingen welkom zijn en meedelen aan de tafel die we samen aanrichten. Dat zijn de werken van de Geest van God, daar mogen we elke Geest aan toetsen en onze keuze op baseren. Vandaag kunnen we daar nog mee beginnen.

Wie niet liefheeft blijft in de dood

mei 12, 2012

1 Johannes 3:11-24
 
Het lijkt er bijna op dat Johannes een pamflet heeft geschreven tegen de haatmails van tegenwoordig. De concurentiestrijd tussen mensen is dus van alle tijden. Het bijbelverhaal laat de moord door de ene mens op de andere zelfs al bij het begin van de geschiedenis beginnen. Kaïn vermoorde Abel. De haatmails en kogelbrieven van tegenwoordig zijn dus zo vreemd nog niet. Dat we moeten reageren met opsluiten in plaats van oplossen is echter wel vreemd. We hebben immers het recept van de liefde voor de mensen. Dat is geen zacht recept. Toepassen van liefde op de maatschappelijke problemen vraagt nogal wat. Dat vraagt in de eerste plaats een ander soort samenleving. Gewone mensen hebben er meestal weinig in te brengen. Geen wonder dus dat ze groepen gaan vormen om hun eigenwaarde tot uiting te brengen.

Voetbalclubs lenen zich daar vanouds voor.Clubkleuren, clubliederen, uniformen maken dat je ergens bij hoort, herkenbaar wordt, weer wat in te brengen hebt. Je deelt mee in de kracht van je club. Wee degene dus die je club te na komt. De reactie op dit maatschappelijk proces is niet de behoefte aan macht en invloed vast te leggen, te kanaliseren. Welnee, ook de voetbalclubs zijn in handen van de rijken. Zij handelen er mee, beleven er plezier aan en verdienen er aan. De supporters mogen veel geld neerleggen voor de toegang tot de stadions, en dan kan de club ook nog verdienen aan de sjaaltjes, de shirts, de hoedjes en de petjes en alles waar het symbool van de club op staat. Als de supporters per ongeluk eens ergens hun groepsgevoel uiten in geweld zijn de machtige en rijke clubbestuurders ineens niet thuis. Dan is opsluiten weer beter dan oplossen. En omdat er veel mensen getrokken moeten worden om het circus draaiende te houden moeten ook bij de bestrijding van excessen de goeden lijden onder de kwaden.

Wie dit hoofdstuk uit de brief van Johannes eens doorleest is niet meer verbaasd over haatmails en kogelbrieven. Als mensen niet meer tot hun recht mogen komen, als er voor liefde geen plaats meer is, dan gaat rechteloosheid en goddeloosheid heersten. Terugkeren naar een samenleving waarin liefde de toon zet is niet eenvoudig. Het geweld en de haat is in onze samenleving  diep doorgedrongen. Volksvertenwoordigers vertegenwoordigen het volk door ook beveiligd te worden. Zij die geweld prediken roepen geweld op kennelijk. Een politieapperaat dat elke burger in de gaten kan houden en elke onbevoegde uiting van geldingsdrang voor kan zijn is het antwoord. Uitbreiding van de democratie door verkleining van de gemeentegrenzen, toepassing van directe democratie en uitbanning van de commercie uit de meningsvorming is niet aan de orde. Johannes roept ons op elkaar te blijven liefhebben. Het is het hart van de Wet van de Woestijn en met die wetgeving komt uiteindelijk alles in orde. De predikers van opsluiten in plaats van oplossen zullen de mensen van de wet van liefde haten zegt Johannes. We moeten ons er niet door van de wijs laten brengen, maar blijven kiezen voor het leven, ook vandaag weer.

Wij zijn kinderen van God

mei 11, 2012

1 Johannes 3:1-10
 
We hebben aan het begin van de Bijbel het lied van de schepping gelezen uit Genesis 1. We hebben toen geleerd dat wij mensen geschapen zijn naar Gods beeld en gelijkenis. En God zag dat het goed was klonk het in het refrein, ook nadat de mensen geschapen waren. Mensen die dus het goede doen en niets dan het goede lijken dus op God, de appels vallen niet ver van de boom zeggen we dan, het zijn dus de kinderen van God. De liefde straalt je tegemoet als je die mensen tegenkomt. Ze zijn te vinden in wereldwinkels, in asielzoekerscentra, bij de wake voor het uitwijscentrum naast het Oude Schiphol, in de bezoekgroepen van onze gevangenissen, in de schrijfgroepen van Amnesty International, in Kerk en Vrede, bij de Voedselbanken en hulpgroepen voor de minima, en in tal van groepen en organisaties in onze samenleving waar mensen zich inzetten voor de armsten, de vreemdelingen en de onderkant van de samenleving. Dat ze niet herkend worden als kinderen van God komt volgens Johannes omdat zoveel mensen God niet kennen. God is liefde volgens Johannes en wie de liefde niet kent kent God niet en herkent de kinderen van God niet.

Johannes zegt ook iets over een begrip uit de kerken dat eeuwenlang, en ook vandaag de dag, ernstig misbruikt is. Dat is de zonde. De duistere kant van de mens. In sommige kerken klinkt het dat je je zonde moet kennen en dat je de hele dag bezig moet zijn je af te vragen hoe zondig je wel niet bent. Johannes bevrijdt ons van die somberpredikers. Zonde dat is de wet niet volgen. En die Wet van de Woestijn kennen we onderhand. Houd van je naaste zoals je van jezelf houdt. En als je jezelf niet liefhebt omdat je jezelf zo’n zondig mens vindt kun je ook je naaste niet liefhebben. God heeft Gods kinderen lief, en wie de wet doen zijn Gods kinderen. Je mag jezelf liefhebben. Je weet natuurlijk ook wel dat het absolute liefhebben zoals Jezus dat voorleefde voor ons niet is weggelegd. Jezelf bewust maken waar je dat verhaal van Jezus niet volgt, wat uit jouw leven niet past in het verhaal van Jezus, kan je een beter kind van God maken als je dat wil veranderen. God geeft dat je iedere keer, ja iedere minuut opnieuw mag beginnen. Johannes noemt dat “in Jezus zijn”. Dat is dus minder geestelijk en abstract als het in sommige gemeenten en groepen klinkt. Het is heel concreet.

Over ieder mens is een verhaal te vertellen. In dat verhaal klinkt de liefde voor de zwakste, voor de weduwe en de wees, voor de zieke, de gevangene en de vreemdeling in ons midden door. Of niet natuurlijk, en als dat niet doorklinkt, of maar een heel klein beetje, dan mag jezelf beginnen met een nieuw verhaal. En  laat je niet misleiden door vragen naar valse zekerheid en zo, wie rechtvaardig leeft is rechtvaardig zegt Johannes. Zeker als we elke dag een stukje van dit verhaal lezen en elke dag ons eigen verhaal daar naast leggen dan zetten we stappen op de weg waarop Jezus ons is voorgegaan. Dan zien we in onze wereld ook steeds meer waar God ontbreekt. Dan zien we ook waar we zelf actief kunnen worden om God een beetje meer in deze wereld te brengen. Door mee te doen met een van de vele organisaties, door onze boodschappen op een eerlijke manier te doen, door mensen aan te spreken op hun gedrag, door velen te vertellen over de wet van recht en rechtvaardigheid en hoe ver we daarvan af leven. Dan kan deze week uitlopen op een feest.

Nu al treden er veel antichristen op

mei 10, 2012

1 Johannes 2:18-29
 
Ooit betreurde iemand in een reactie het dat je hier door de week al een zondagse preek kreeg. Die had nog niet door dat we hier elke dag een stukje uit de Bijbel lezen en het licht daarvan laten schijnen op de samenleving om ons heen. De afkeer van preken is echter wel begrijpelijk. Vanaf de dagen van Johannes zijn er mensen die zichzelf liever horen dan de Bijbel en zich voorstaan op hun ambt, hun zogenaamde roeping. De boodschap van de Bijbel, de gevolgen daarvan voor hun toehoorders, zijn dan niet zo heel erg belangrijk. Een gift voor hun kerk, of voor hun onderhoud, het aanschaffen van het laatste door hen geschreven boek, het betalen van de kerkbelasting of een grote gift op de zilveren collecteschaal, zijn zogenaamd genoeg om het heil te verwerven. Wat dat heil dan ook moge zijn. Omlijst met mooie muziek die de toehoorders graag horen en wat vrome woorden, soms zelfs in het Latijn of een andere onverstaanbare kerktaal, en de zondagse plicht is weer vervuld.

Enig effect op de wereld heeft het niet en dat wordt dan verdedigd met het citaat dat we ook bij Johannes hebben kunnen lezen: “we zijn niet van deze wereld.” Maar dat de boodschap juist effect moet hebben op de huidige wereld omdat we niet doen zoals het in de wereld toegaat lezen we vandaag bij Johannes. Niemand, ook in de kerken niet, moet naar de ogen worden gezien. De mooipraters, de vrome praatjesmakers worden door Johannes als antichristenen betiteld. We hebben al eens eerder geschreven dat scheldpartijen in de Bijbel heel gewoon zijn, Jezus kon er wat van en ook Johannes laat zich niet onbetuigd. Leraren, predikers en priesters die met elkaar concureren om het beste gevonden te worden hebben we volgens Johannes niet nodig. De boodschap hebben we immers al. Doe wel en zie niet om, heette dat ergens anders, ofwel in de oude woorden waar Johannes naar verwijst, heb Uw naaste lief als uzelf. In de wereld vindt men  overigens vaak het gevolg van de daden minder belangrijk dan hoe die daad  er uit ziet.

Als je een brood steelt om de honger van je gezin te stillen kan dat gerechtvaardigd zijn als er geen enkele andere weg is om wat voor het gezin te doen. Om te voorkomen dat mensen tot diefstal gedwongen worden zijn de voedselbanken opgericht. In de achttiende eeuw betoogde een Franse filosoof dat eigendom eigenlijk diefstal was. Wie zich beriep op het recht op eigendom was kennelijk niet bereid dat te delen en beroofde daarmee de naaste van het recht op leven. Zo ver durven we tegenwoordig niet meer te gaan, maar dat eerlijk delen, rechtvaardige handelsverhoudingen en het zorgen dat iedereen mee kan doen, een betere samenleving oplevert dan ieder voor zich, het heilig verklaren van bezit en het uitsluiten van hen die je niet welgevallig zijn, is een zaak die vaststaat. Volgens Johannes leeft de liefde eeuwig, en met die liefde kunnen we dus ook vandaag weer aan het werk voor het Koninkrijk van God.

 

Mijn lief was weggegaan

mei 9, 2012

Hooglied 5:2-8
 
Scheiden doet lijden, afscheid doet pijn zegt een oud Nederlands liedje. En het hoofdstuk dat we vandaag uit het Hooglied lezen gaat over het plotselinge vertrek van de geliefde. Er is een Christelijke feestdag die gaat over afscheid nemen. Want pas als je op eigen benen weet te staan kun je immers je overtuiging uitdragen. Dan kun je de liefdesrelatie aangaan die in het verhaal van Jezus van Nazareth aan de volgelingen gevraagd wordt. Het was volgens het verhaal dat in het boek Handelingen is opgetekend, zo veertig dagen na de kruisiging, wel duidelijk dat Jezus door de dood was heengegaan en dat hij, maar vooral zijn verhaal en zijn liefde, konden voortleven en dat hij voortdurend kon verschijnen aan zijn volgelingen. Die 40 dagen waren er natuurlijk niet zo maar. Het slavenvolk Israel had na de bevrijding uit Egypte 40 jaar door de woestijn gezworven en Jezus zelf had zich voor zijn optreden 40 dagen teruggetrokken in de woestijn om zich voor te bereiden.

Nu waren er weer 40 dagen verstreken en voor de laatste maal verscheen Jezus aan hen. Ze moeten het verhaal van Jezus tot aan de einden der aarde aan iedereen gaan vertellen. En dat betekent het afscheid van de Jezus die ze zolang hadden gevolgd. Jezus werd voor hun ogen opgenomen staat er dan. Wij zijn dat in de loop van de geschiedenis Hemelvaart gaan noemen. Dat opnemen is niet zo uniek als het vaak in het Christendom wordt gebracht. Henoch, van wie aan het begin van het boek Genesis wordt verteld dat hij met God wandelde werd opgenomen, Mozes werd opgenomen vlak voor het volk het beloofde land binnentrok en van de profeet Elia wordt zelfs verteld dat hij werd opgenomen op een vurige wagen. Je kunt je voorstellen dat de volgelingen van Jezus nogal verbaasd waren maar de vraag wat ze toch naar omhoog stonden te staren bracht ze met beide voeten op de grond.

Ze gingen terug naar Jeruzalem, naar het hart van hun geloof, de Tempel waar de Wet van de woestijn werd bewaard.
De gemeente van Jezus van Nazareth was op zichzelf aangewezen. Net als het volk Israël op zichzelf aangewezen was na de intocht in het beloofde land. In de woestijn was er overdag een wolk die voor hen uitging en in de nacht nog een vuurkolom die hen beschermde. Maar in het land waren ze op zichzelf aangewezen en werden ze aangevallen door buurvolken. Niet alleen door rovers maar ook door de verleidingen van mooie godsdiensten. De bruid uit het Hooglied klaagt over de wachters van de stad die haar sloegen, haar verwonden en haar tot vrouw namen. Dat is de betekenis van het afrukken van de sluier, dat mag alleen de bruidegom doen, een vrouw is immers geen bezit maar partner. Maar de bruid uit het Hooglied zoekt bondgenoten, de meisjes van Jeruzalem, partners in de stad die op zoek zijn naar hun geliefde. Zo bleven de leerlingen van Jezus van Nazareth eendrachtig samen in gebed en bezochten ze de Tempel. Zo kunnen wij zondag aan zondag naar onze eigen kerk om ons daar samen te laven aan het woord van God dat ons een licht is voor de week die komt, daar is iedereen welkom, ook de komende zondag weer.

Een gesloten tuin

mei 8, 2012

Hooglied 4:12-5:1
 
Je kunt het rond de Middellandse Zee nog wel tegenkomen, tuinen die omringt zijn door een hoge muur opgetrokken uit, schijnbaar lukraak opgestapelde, keien. Daar durf je zelfs niet overheen te klimmen. Een zeer effectieve afscheiding. Sommige handschriften noemen die gesloten tuin dan ook een gesloten steenhoop. Intimiteit op z’n best. Twee mensen die alles, maar dan ook helemaal alles met elkaar willen delen, maar dan ook alleen met elkaar. Daar hoort niemand tussen te komen en daar hoort al helemaal niemand misbruik van te maken. Zo af en toe hoor je van kerkelijke voorgangers die op grond van hun positie in de kerk mensen wijs maken dat intiem contact er bij zou horen, een teken van geloof zou zijn. Het is telkens weer schrikken als je dat hoort, het is misbruik van het ergste soort en mensen die het overkomt doen er goed aan het aan de grote klok te hangen. Mensen die er tegen bestand waren en het afwezen dienen het te rapporteren aan de kerkelijke autoriteiten, mensen die er voor bezweken zijn dienen aangifte te doen bij de politie.

Het seksueel kleuren van godsdienst is het tegendeel van wat hier in het Hooglied verkondigd wordt. Dat twee mensen zo geweldig van elkaar kunnen genieten staat niet voor niets in de Bijbel. In het boek Hooglied wordt God niet genoemd want als mensen zo intens lief kunnen hebben dan hoeft God niet meer, die mensen gaan als het ware vanzelf op in God die immers liefde is. Als kerkelijke vertegenwoordigers kinderen wijs maken dat seksueel contact bij hun kerkelijk vertegenwoordiger zijn of het geloof van de kinderen hoort is elke grens van het christelijk geloof overschreden. Dat er kerkgenootschappen zijn die dergelijke vertegenwoordigers als kerkelijke autoriteiten handhaven is onbegrijpelijk, in het licht van het Hooglied eigenlijk Godslasterlijk. Ieder mens verdient een nieuwe kans, elke dag en elk moment, en elk kerkgenootschap mag haar vertegenwoor-digers best helpen als die hun gerechte straf hebben ondergaan.

Maar er zijn banen genoeg waarin je de samenleving van dienst kan zijn. Het is ook een onderdeel van verkondiging van het verhaal van de Bijbel dat er ver afstand wordt genomen van het misbruik maken van mensen die aan kerkelijke vertegenwoordigers zijn toevertrouwd. Zij immers nemen een positie als pastor in en pastor betekent hier herder. De herders uit de Bijbel hadden zo’n ommuurde tuin tot hun beschikking, ze dreven er de schapen in en gingen gewapend met een stok in de enige ingang liggen slapen. Een verdediging tegen wilde dieren en rovers. Met hun eigen leven verdedigden die herders hun schapen tegen de gevaren van buiten. Wie zelf een bedreiging van de schapen is kan geen herder blijven. Mensen hebben het recht de aansporing van de meisjes uit het Hooglied in vrijheid op te volgen: “Wordt dronken van liefde”, alle mensen hebben dat recht, wij ook.