Selecteer een pagina

Daniël 2:36-49

36 Dit was uw droom, en nu zullen wij de koning zeggen wat hij betekent: 37 U, majesteit, koning der koningen, aan wie de God van de hemel het koningschap, en macht, kracht en eer heeft verleend, 38 aan wiens hand hij de mensen, de dieren van het veld en de vogels van de hemel heeft toevertrouwd, waar zij ook wonen, aan wie hij heerschappij heeft geschonken over allen-u bent dat hoofd van goud! 39 Na u zal een ander koninkrijk opkomen, minder machtig dan het uwe, en daarna nog een, van brons, dat zal heersen over de hele aarde. 40 Een vierde koninkrijk ten slotte zal hard als ijzer zijn. IJzer verbrijzelt en vermorzelt alles, en net als ijzer dat verplettert, zal het al die andere rijken verbrijzelen en verpletteren. 41 U zag dat de voeten en tenen voor een deel uit pottenbakkersleem en voor een deel uit ijzer bestonden; dat betekent dat het koninkrijk verdeeld zal zijn. Het zal iets van de hardheid van ijzer hebben, daarom zag u ijzer voor u, vermengd met kleiachtige leem. 42 Dat de tenen en voeten deels van ijzer en deels van leem waren, betekent dat het koninkrijk voor een deel sterk zal zijn, voor een deel broos. 43 U zag ijzer vermengd met kleiachtige leem; dat betekent dat die delen zich zullen vermengen in het nageslacht, maar ze zullen zich niet verbinden, zoals ijzer zich niet met leem laat verbinden. 44 Maar ten tijde van die koninkrijken zal de God van de hemel een rijk laten opkomen dat nooit te gronde zal gaan en dat nooit op een ander volk zal overgaan. Het zal al die koninkrijken verbrijzelen en vernietigen, maar zelf zal het eeuwig bestaan 45 precies zoals u zag dat er een steen van de berg losraakte zonder dat er een mensenhand aan te pas kwam, en het ijzer, brons, leem, zilver en goud verbrijzelde. De grote God heeft de koning laten weten wat er in de toekomst te gebeuren staat. De droom is waar, en de uitleg betrouwbaar.’ 46 Toen knielde koning Nebukadnessar neer en boog voor Daniël, en hij beval een offer te bereiden en reukwerk aan hem op te dragen. 47 De koning zei tegen Daniël: ‘Het is waar, uw God is de God der goden en de heer der koningen. Hij onthult mysteries en daardoor hebt u dit mysterie kunnen onthullen.’48 Toen benoemde de koning Daniël in een hoge functie en gaf hem vele grote geschenken; hij maakte hem heerser over de hele provincie Babel en benoemde hem tot hoofd van alle wijzen van Babylonië. 49 Op Daniëls verzoek droeg de koning het bestuur van de provincie Babel over aan Sadrach, Mesach en Abednego, terwijl Daniël zelf aan het hof van de koning bleef. (NBV)

Drie lagen zitten er vandaag in het verhaal van Daniël. De eerste is hoe je een koning tot vriend maakt, de tweede hoe je je eigen volk hoop geeft en de derde is hoe God zijn dienaren gebruikt. Die koning was zo onzeker geworden over zijn eigen positie dat hij er ’s nachts wakker van werd. Hij wist ook heel goed dat al die wichelaars aan het hof hem alleen maar naar de mond zouden praten. Geestenfluisteraars en hun collega’s zeggen nu eenmaal alleen wat mensen graag willen horen. Daarom had hij zijn droom verborgen gehouden en geëist dat ze die zouden weten en dan zouden kunnen uitleggen. Daniël was met behulp van de openbaring van de God van Israël tot de ontdekking gekomen wat er nu eigenlijk aan de hand was. En toen was die droom niet zo moeilijk meer. Maar tegen een machtige Koning zeg je nu eenmaal niet zo gemakkelijk dat het eigenlijk een bangelijk en onzeker ventje is.

Hoe hij ook straalt hij staat op lemen voeten. Daniël kiest daarom een andere mogelijke uitleg. Hij maakt elk onderdeel van het standbeeld in het verhaal tot een eigen rijk, elk minder sterk als het vorige. En dan verminder je de angst van de Koning want je schuift de vermorzeling naar een verre toekomst waar de Koning geen deel meer aan heeft. Achteraf kreeg Daniël natuurlijk gelijk want er zijn altijd meerdere rijken aan te wijzen die voorbij gaan al zijn er ook uitleggers die wijzen op de opvolger van de Koning en op diens opvolgers die allen in de Bijbel wel ergens genoemd worden en die inderdaad steeds zwakker zijn dan Nebukadnessar. Voor het onderdrukte volk geeft deze uitleg van Daniël hoop. De onderdrukking hoeft niet altijd te duren. Het zal geleidelijk aan minder erg worden en op een dag zal er een einde aan komen. De God van Israël zal de wrede onderdrukkers vermorzelen.

Die hoop is niet tevergeefs, nergens in de geschiedenis is het een dictator gelukt een rijk te vestigen dat eeuwig stand houdt. Het geloof in de God van Israël, in de bevrijding van slaven en onderdrukten is altijd langer vol te houden dan de dictatuur zelf en altijd lukt het de regeringen van dictators omver te werpen al kost het soms vele doden. Maar ook een dictator kan niet alleen regeren. Hij heeft dienaren nodig, instellingen en instituties. Ooit had het volk Israël een Jozef in Egypte die kon zorgen voor graan. In dit verhaal heeft het volk een Daniël die heerser werd over de provincie, hoofd van alle wijzen en er voor zorgde dat zijn vrienden en landgenoten het bestuur van de provincie opgedragen kregen. Kijk zo zorgt de God van Israël voor zijn dienaren. Ook wij kunnen dus gerust blijven werken aan een wereld van recht en gerechtigheid, van vrede en eerlijk delen met allen. Die wereld komt, elke dag kunnen we er aan werken, ook vandaag.