Een gelofte

Handelingen 18:12-22 12 Toen Gallio proconsul van Achaje was, keerden de Joden zich echter gezamenlijk tegen Paulus en daagden hem voor het gerecht. 13 Ze namen hem mee naar Gallio en zeiden: ‘Deze man haalt de mensen over om God te vereren op een wijze die in strijd is met de wet.’ 14 Nog voordat … Lees verder

Zwijg niet!

Handelingen 18:1-11 1 Na deze gebeurtenissen verliet hij Athene en ging naar Korinte. 2 Daar leerde hij Aquila kennen, een Jood uit Pontus, die kort daarvoor met zijn vrouw Priscilla uit Italië was gekomen omdat Claudius had bevolen dat alle Joden Rome moesten verlaten. Paulus bracht hun een bezoek, 3 en omdat ze hetzelfde ambacht … Lees verder

De onbekende god

Handelingen 17:16-34 16 Terwijl Paulus in Athene op hen wachtte, raakte hij hevig verontwaardigd bij het zien van de vele godenbeelden in de stad. 17 In de synagoge sprak hij met de Joden en met de Grieken die God vereerden, en op het marktplein ging hij dagelijks in debat met de mensen die hij daar … Lees verder

Een groot aantal vrouwen

Handelingen 17:1-15 1 Via Amfipolis en Apollonia reisden ze naar Tessalonica, waar de Joden een synagoge hadden. 2 Zoals gewoonlijk ging Paulus naar hen toe, en drie sabbatdagen achtereen debatteerde hij met hen. Aan de hand van teksten uit de Schrift 3 toonde hij aan dat de messias moest lijden en sterven en daarna uit … Lees verder

Het morgenrood wekken.

Psalm 108 1 Een lied, een psalm van David. 2 Mijn hart is gerust, o God, ik wil zingen en spelen. Mijn ziel, 3 ontwaak met harp en lier, ik wil het morgenrood wekken. 4 U, HEER, zal ik loven onder de volken, over U zingen voor alle naties.5 Hemelhoog is uw liefde, tot aan … Lees verder

Opgenomen in de hemel.

Lucas 24:36-53 36 Terwijl ze nog aan het vertellen waren, kwam Jezus zelf in hun midden staan en zei: ‘Vrede zij met jullie.’ 37 Verbijsterd en door angst overmand, meenden ze een geest te zien. 38 Maar Hij zei tegen hen: ‘Waarom zijn jullie zo ontzet en waarom zijn jullie ten prooi aan twijfel? 39 … Lees verder

De dauw van uw jeugd

Psalm 110 1 Van David, een psalm. De HEER spreekt tot mijn heer: ‘Neem plaats aan mijn rechterhand, Ik maak van je vijanden een bank voor je voeten.’ 2 Uit Sion reikt de HEER u de scepter van de macht, u zult heersen over uw vijanden. 3 Uw volk staat klaar op de dag dat … Lees verder

Wat kan een sterveling mij aandoen?

Psalm 56 1 Voor de koorleider. Op de wijs van Een roerloze duif in de verte. Van David, een stil gebed, toen de Filistijnen hem in Gat hadden gegrepen. 2 Wees mij genadig, God, want ze bedreigen mij, de hele dag bestoken en bestrijden ze mij. 3 Mijn tegenstanders bedreigen mij, heel de dag, en … Lees verder

Leerling van Hem worden?

Johannes 9:24-41 24 Toen riepen ze de man die blind geweest was weer bij zich. ‘Geef Gód de eer,’ zeiden ze, ‘die man is een zondaar, dat weten we toch.’ 25 ‘Of Hij een zondaar is weet ik niet,’ zei hij, ‘maar één ding weet ik wel: ik was blind en nu kan ik zien.’ … Lees verder

Hij is een profeet

Johannes 9:13-23 13 Toen namen ze de man die blind geweest was mee naar de farizeeën. 14 De dag dat Jezus modder gemaakt had en zijn ogen geopend had, was namelijk een sabbat. 15 Ook de farizeeën vroegen hoe het kwam dat hij kon zien. En weer vertelde hij: ‘Hij heeft wat modder op mijn … Lees verder

Gods werk

Johannes 9:1-12 1 In het voorbijgaan zag Jezus iemand die al vanaf zijn geboorte blind was. 2 Zijn leerlingen vroegen: ‘Rabbi, hoe komt het dat hij blind was toen hij geboren werd? Heeft hij zelf gezondigd of zijn ouders?’ 3 ‘Hij niet en zijn ouders ook niet,’ was het antwoord van Jezus, ‘maar Gods werk … Lees verder

Onopgemerkt

Johannes 8:48-59 48 De Joden riepen: ‘Zeggen we soms ten onrechte dat U een Samaritaan bent, en dat U bezeten bent?’ 49 ‘Ik ben niet bezeten,’ zei Jezus. ‘Ik eer mijn Vader, maar u eert Mij niet. 50 Ik ben niet uit op eigen eer; iemand anders is uit op mijn eer en Hij zal … Lees verder