Selecteer een pagina

Spreuken 2:1-22 

1 Mijn zoon, als je in acht neemt wat ik zeg, mijn richtlijnen altijd onthoudt, 2  een open oor hebt voor mijn wijsheid, een geest die neigt naar inzicht, 3  als je erom vraagt de dingen te begrijpen, roept om scherpzinnigheid, 4  ernaar zoekt als was het zilver, ernaar speurt als naar een verborgen schat-5  dan zul je ontdekken wat ontzag voor de HEER is, dan zul je kennis van God verwerven. 6  Want het is de HEER die wijsheid schenkt, zijn woorden bieden kennis en inzicht. 7  Aan wie rechtschapen is, geeft hij voorspoed, voor wie op rechte wegen gaat, is hij een schild. 8  Hij waakt over het rechte pad en beschut de weg van wie hem trouw zijn. 9  Als je in acht neemt wat ik zeg, zul je leren wat oprecht, eerlijk en rechtvaardig is, dan volg je altijd het juiste spoor. 10 Want wijsheid zal je geest doordringen, je koestert je in kennis. 11  Bedachtzaamheid zal je behoeden, inzicht houdt de wacht 12  om je af te houden van verkeerde wegen, om je te beschermen tegen leugenaars, 13  mannen die het rechte pad hebben verlaten, de wegen van de duisternis gaan, 14  genieten van hun slechte daden, staan te juichen bij hun valse streken, 15  mannen die op kromme wegen gaan en slechts een dwaalspoor volgen. 16  En inzicht houdt de wacht om je te beschermen tegen een lichtzinnige vrouw, die je met haar vleierij wil paaien, 17  een vrouw die ver is afgedwaald, de geliefde van haar jeugd heeft verlaten, het verbond met haar God is vergeten. 18  Het huis van zo’n vrouw verzinkt in de dood, haar pad voert naar het rijk van de schimmen. 19  Niemand die bij haar komt keert ooit terug, onbereikbaar is de weg die naar het leven leidt. 20  Houd daarom het rechte pad, volg de weg van wie rechtvaardig zijn, 21  want wie rechtschapen zijn, zullen wonen in het land der levenden, wie onberispelijk hun weg gaan, vinden er een vast verblijf. 22  Maar wie kwaad doen, worden verdreven, wie God niet trouw zijn, worden weggevaagd. (NBV) 

Wat weten wij over God? Eigenlijk niks, God gaat alle verstand te boven. Hoe vaker en hoe meer je over de God van Israël nadenkt hoe minder je er van lijkt te snappen. Waar woont die God, hoe kan het dat die God van alles heeft geschapen. Van die God wordt gezegd dat die de Liefde zelf is, maar waarom is er dan zoveel ziekte en zijn er zoveel natuurrampen? Allemaal vragen waarop geen antwoord te vinden is. In de Bijbel kom je die vragen ook tegen en ook in de Bijbel zijn de antwoorden niet duidelijk. God woont in de hemel wordt gezegd, maar de hemel is door God geschapen als schild tegen de wateren van de dood die van boven komen en tegelijk rusten de voeten van God op aarde, ja in de Tempel in Jeruzalem. Het gedeelte dat we vandaag uit het boek Spreuken lezen wijst een andere weg om de God van Israël te leren kennen. De kennis over God is namelijk niet een geheim alleen voor ingewijden, maar is voor iedereen beschikbaar. 

Houd je aan de voorschriften van de God van Israël en je zult die God leren kennen zegt de Spreukendichter in dit gedeelte. En de voorschriften zijn natuurlijk samen te vatten in heb uw naaste lief als uzelf omdat dat de manier waarop je God kunt liefhebben boven alles. Als je die naaste liefhebt als jezelf dat snap je in elke geval ook dat je de naaste niet naar de ogen moet kijken, alles maar uit handen moet nemen en volstrekt afhankelijk van jou moet maken. Het is een mens zoals jij die het verdient zijn talenten te kunnen ontplooien en als volledig en gewaardeerd lid van de samenleving zijn of haar bijdrage te leveren. Dat vereist een eerlijk en oprecht, transparant liefhebben waarin duidelijk is dat het doel is de naaste mee te nemen in de liefde voor de minsten, voor de zwakken. 

De Wijsheid in het boek Spreuken wordt als vrouw afgeschilderd. De zorg voor de minsten, het meest verstandig optreden dat een mens kan doen, is typisch de vrouwelijke kant van de God van Israël. De mannen hebben dat altijd verwaarloosd, want God heeft volgens mannen alleen maar mannelijke eigenschappen. De Bijbel leert ons dus het tegendeel. Maar die goede vrouwelijke kant kent ook een kwade tegenhangster. Daar willen mannen graag over praten. Dat er tegenover de liefhebbende zorgende rechtvaardige mannen ook uitbuiters moordenaars, leugenaars en onderdrukkers staan wordt even vergeten. Nee de verleidelijke vrouw, het sexobject waar mannen graag naar kijken en ondertussen o zo bang voor zijn moet besproken worden. Onterecht. De Spreukendichter heeft het over de verleiding die in de Liefde voor de naaste zit, je kunt er aan verdienen, hulp kan een industrie worden waar mensen een goed leven aan ontlenen. Tegen die verleiding moeten we ons leren verzetten. Dat kan door oprecht en eerlijk te blijven, de ander verdient het net zo waardevol te zijn of te worden als jijzelf. Daar mag je elke dag weer aan werken, ook vandaag weer.