Geen enkel misdrijf

Handelingen 25:1-12 1 Drie dagen nadat Festus zijn intrede in de provincie had gedaan, ging hij van Caesarea naar Jeruzalem. 2 Daar dienden de hogepriesters en de andere Joodse leiders een klacht tegen Paulus bij hem in. Bovendien vroegen ze hem 3 of hij hun een gunst wilde bewijzen door Paulus naar Jeruzalem te laten … Lees verder

Jullie verlossing is nabij!

Lucas 21:20-38 20 Wanneer jullie zien dat Jeruzalem door legertroepen omsingeld is, weet dan dat de verwoesting van de stad nabij is. 21 Wie in Judea is moet dan de bergen in vluchten, wie in Jeruzalem is moet er wegtrekken, en wie op het land is moet niet naar de stad gaan, 22 want in … Lees verder

Red je leven

Lucas 21:5-19 5 Toen er gesproken werd over de tempel, over de mooie stenen en wijgeschenken waarmee hij versierd was, zei Hij: 6 ‘Wat jullie hier zien …  er zullen dagen komen waarop geen steen op de andere zal blijven; alles zal worden afgebroken.’ 7 Ze stelden Hem toen de vraag: ‘Meester, wanneer zal dat … Lees verder

Het geloof in Christus Jezus

Handelingen 24:22-27 22 Felix, die goed bekend was met alles wat op de Weg betrekking had, verdaagde daarop de zitting en zei: ‘Zodra Lysias, de tribuun, is aangekomen zal ik in uw zaak uitspraak doen.’ 23 Hij gaf de centurio opdracht Paulus in hechtenis te houden, maar onder een mild regime, en gelastte dat niemand … Lees verder

Mijn geweten

Handelingen 24:10-21 10 Toen de procurator Paulus toeknikte ten teken dat hij het woord mocht voeren, sprak hij als volgt: ‘Ik weet dat u al vele jaren rechtspreekt over het Joodse volk, en daarom verdedig ik mijn zaak in goed vertrouwen. 11 U kunt u ervan vergewissen dat ik pas twaalf dagen geleden naar Jeruzalem … Lees verder

De aanklacht

Handelingen 24:1-9 1 Vijf dagen later arriveerde Ananias, de hogepriester, samen met enkele oudsten en met Tertullus, een advocaat. Ze dienden hun klacht tegen Paulus in bij de procurator. 2 Toen hij voor het gerecht geroepen was, begon Tertullus zijn requisitoir als volgt: ‘Excellentie, dat wij dankzij u in duurzame vrede leven en dat door … Lees verder

Een Romeins burger

Handelingen 23:23-35 23 Daarna liet hij twee centurio’s komen en zei: ‘Zorg dat er vanavond, drie uur na zonsondergang, tweehonderd soldaten klaarstaan om naar Caesarea te gaan, samen met zeventig ruiters en tweehonderd lichtbewapende mannen; 24 zorg ook voor een stel rijdieren om Paulus veilig naar procurator Felix te brengen.’ 25 Ook schreef hij een … Lees verder

Een heilige eed

Handelingen 23:12-22 12 Toen de dag aanbrak beraamde een groep Joden een aanslag op Paulus. Ze zwoeren dat ze niet zouden eten of drinken voor ze hem hadden gedood. 13 Meer dan veertig mannen namen aan deze samenzwering deel. 14 Ze gingen naar de hogepriesters en de oudsten en zeiden: ‘We hebben een heilige eed … Lees verder

God zal ú slaan

Handelingen 22:30–23:11 30 Omdat de tribuun nauwkeurig wilde vaststellen welke beschuldiging door de Joden tegen Paulus werd ingebracht, liet hij hem de volgende dag uit de gevangenis halen en verordonneerde hij dat de hogepriesters en het hele Sanhedrin bijeen moesten komen. Toen liet hij Paulus voor hen verschijnen. 1 Paulus vestigde zijn blik op de … Lees verder

Van haar armoede

Lucas 20:41–21:4 41 Hij zei tegen hen: ‘Hoe kan men beweren dat de messias een zoon van David is? 42 Want David zelf zegt in het boek van de Psalmen: “De Heer sprak tot mijn Heer: ‘Neem plaats aan mijn rechterhand, 43 tot Ik van je vijanden een bank voor je voeten heb gemaakt.’” 44 David … Lees verder

Ze zijn als engelen

Lucas 20:27-40 27 Enkele sadduceeën, die ontkennen dat er een opstanding is, kwamen naar Hem toe en vroegen Hem: 28 ‘Meester, Mozes heeft ons het volgende voorgeschreven: als een gehuwd man kinderloos sterft, moet zijn broer met de weduwe trouwen en nakomelingen verwekken voor zijn broer. 29 Nu waren er zeven broers. De eerste was … Lees verder

Een onwettige uitspraak

Lucas 20:20-26 20 Ze hielden Hem echter in de gaten en stuurden er spionnen op uit die zich als rechtvaardigen moesten voordoen, in de hoop Hem op een onwettige uitspraak te betrappen, zodat ze Hem konden uitleveren aan de overheid, aan het gezag van de gouverneur. 21 Ze vroegen Hem het volgende: ‘Meester, we weten … Lees verder