Ik zal hun God zijn

Ezechiël 14:1-11

1 Een aantal van de oudsten van Israël kwam bij me, en toen ze tegenover mij hadden plaatsgenomen 2 richtte de HEER zich tot mij: 3 ‘Mensenkind, deze mannen koesteren hun afgoden en hebben niets anders voor ogen dan wat hen ten val brengt. Moet Ik me dan door hen laten raadplegen? 4 Zeg tegen hen: “Dit zegt God, de HEER: Elke Israëliet die bij een profeet komt en intussen zijn afgoden koestert en niets anders voor ogen heeft dan wat hem ten val brengt, zal Ik het antwoord geven dat hij met zijn afgoderij verdient. 5 Ik zal het volk van Israël laten voelen dat het zich met al zijn afgoderij van Mij heeft afgewend.” 6 Zeg daarom tegen het volk van Israël: “Dit zegt God, de HEER: Kom terug bij Mij, keer die afgoden van jullie de rug toe en houd op met je gruwelijk gedrag! 7 Alle Israëlieten en ook de vreemdelingen die in Israël leven, ieder die zich van Mij heeft afgewend, ieder die zijn afgoden koestert, die niets anders voor ogen heeft dan wat hem ten val brengt en dan toch naar een profeet gaat om Mij te raadplegen, die zal Ik, de HEER, zelf antwoorden. 8 Ik zal me tegen hem keren en hem tot een afschrikwekkend voorbeeld maken, Ik zal hem uit mijn volk verwijderen. Dan zullen jullie beseffen dat Ik de HEER ben. 9 Als de profeet zich tot een antwoord laat verleiden zal dat zijn omdat Ik, de HEER, hem daartoe heb verleid. Ik zal mijn hand tegen hem opheffen en hem vernietigen; hij zal geen deel meer uitmaken van mijn volk Israël. 10 De profeet is even schuldig als wie hem raadpleegt; beiden zullen hun straf niet ontlopen. 11 Dan zal het volk van Israël zich niet meer van Mij afkeren, en ze zullen niet meer onrein worden door hun wandaden. Dan zullen zij mijn volk zijn en Ik zal hun God zijn-zo spreekt God, de HEER.”’ (NBV21)

Het werkt. Ezechiël heeft de opdracht eerst het volk Israël te laten zien waar het mee bezig is. En werkelijk, hij trekt de aandacht. De oudsten van het volk komen naar Ezechiël toe. Maar Ezechiël is geen waarzegger, geen toekomstvoorspeller, ook geen bemiddelaar met een God die boos is en die straffen stuurt. Ezechiël spreekt in Gods naam over dat wat de mensen doen. Daarom staat Ezechiël voor een dilemma, moet hij de oudsten van het volk te woord staan of weer weg sturen? De oplossing ligt in het zeggen wat hij ziet. Het volk was in ballingschap gestuurd omdat ze afgoden waren gaan aanbidden. En dat aanbidden van afgoden hadden ze nog steeds niet losgelaten. Daarom kan Ezechiël namens God zeggen: vlieg op met heel je afgodentroep.

Kan God trouwens iemand verleiden om verkeerd te doen? In het gedeelte dat we vandaag lezen zou je denken van wel. De profeet zou immers door God verleid kunnen worden om verkeerde dingen te zeggen? Dat komt dan door het niet willen loslaten van afgoden. Dan gaat de profeet in de geest van de afgoden profeteren en lopen de zaken verkeerd af voor het volk. Er staan in de Bijbel wel meer voorbeelden waarbij profeten namens God de verkeerde dingen zeggen, omdat het verkeerde gevraagd wordt. Dan wordt er niet naar recht en gerechtigheid gevraagd, maar naar overwinningen in oorlogen die niet nodig zijn en alleen maar leed en ellende brengen. In dit gedeelte wordt gedreigd dat ook de profeet gestraft zal worden. Het is een excuus om niet in te gaan op de vragen van de oudsten.

Kennen we in onze dagen ook het dilemma van de profeet die de boodschap moet brengen aan dienaren van afgoden? Het moet haast wel. Ook in onze dagen worden discussies gevoerd over onderwerpen waar je het gewoon niet over moet hebben. Vreemdelingenbeleid bijvoorbeeld, in dit gedeelte worden de vreemdelingen weer eens betrokken als behorende tot het volk zelf. Hebben we het over de minsten en proberen we daar recht voor te krijgen, recht te doen aan mensen in de knel, de onderliggenden, of hebben we het over de belangen van de rijken, van de gevestigden, de bovenliggenden? Dat is wat je voortdurend moet afvragen. Antwoord geven op vragen hoe de rijken beschermd moeten worden of hoe de positie van de bovenliggenden versterkt kunnen worden zijn antwoorden aan afgodendienaars. Gelukkig kunnen we elke dag opnieuw een andere weg inslaan, de Weg van de God van Israël, ook vandaag weer.

Plaats een reactie