Selecteer een pagina

Exodus 27:1-8

1 Maak een altaar van acaciahout. Het moet vierkant zijn, vijf el lang en vijf el breed, en drie el hoog. 2 Op de vier hoeken moet het horens hebben, die er één geheel mee vormen. Bekleed het met brons. 3 Alle bijbehorende voorwerpen moet je van koper maken: de potten voor het wegruimen van de as, de scheppen, offerschalen, vorken en vuurbakken. 4 Maak een hekwerk om het altaar, een bronzen raster met op de vier hoeken een bronzen ring; 5 breng het langs de onderkant aan, onder de rand, zo dat het tot halverwege het altaar reikt. 6 Je moet voor het altaar ook draagbomen van acaciahout maken, die je met brons bekleedt. 7 De draagbomen moeten zodanig in de ringen gestoken worden dat ze zich aan weerszijden van het altaar bevinden wanneer dit gedragen wordt. 8 Het altaar moet van houten panelen gemaakt worden en vanbinnen hol zijn. Laat het maken zoals het je hier op de berg getoond is. (NBV)

Aan een God breng je offers. En in elke Tempel van elke god op aarde worden offers gebracht. Omdat de Tabernakel gaat over de ontmoeting met de God van Israël hoort ook in die Tempel een altaar waarop offers worden gebracht. In de Tabernakel is alles van goud, behalve het offeraltaar. Dat is ook van acaciahout maar dan bekleed met brons. De voorwerpen die bij dat altaar horen zijn van koper. Die Tabernakel moet van plaats tot plaats met het volk meetrekken en moet dus ook vervoerd kunnen worden. Daarom is er rond de onderste helft van het altaar een bronzen raster aangebracht met op de hoeken vier ringen. Draagbomen met brons bekleed maken het geheel draagbaar.

Het altaar moet van houten panelen gemaakt zijn, met brons bekleed. Als je daar vuur in stookt dan wordt dat brons wel erg heet en kun je zelfs niet in de buurt van het altaar komen. Maar er staat nergens hoe er op dit altaar geofferd moet worden. Nu zijn er ook in de buurvolken van Israël wel van die draagbare altaren bekend. Die werden gevuld met aarde en daar werd dan het vuur op gebrand. Met scheppen kun je dan het as wegruimen, de offerschalen dragen dan het vlees dat geofferd wordt, de vorken zijn er om het vlees er op te leggen en er weer af te halen. De vuurbakken zijn er dan om het vuur in te bewaren en te gebruiken om het altaar aan te steken.

Ook al is de beschrijving niet helemaal compleet er is in het geheel van de beschrijving van de Tabernakel toch iets dat opvalt. Het altaar is niet het meest kostbare van de Tempel. Het meest kostbare blijft de Ark met de platen van het verbond. Het altaar heeft ook iets vreemds. Op de vier hoeken heeft het altaar horen die er één geheel mee vormen. Hoezo? De God van Israël is geen stier of stierkalf. Maar de horens van het altaar zijn elders in de Bijbel ook bekend. Als iemand beschuldigd wordt van een misdrijf, moord of doodslag, dan kan de beschuldigde vluchten naar de Tempel, dus ook naar de Tabernakel, en daar een horen van het altaar grijpen. Daar krijgt de beschuldigde dan asiel tot de zaak is uitgezocht. Ook het altaar dat komt te staan in het Heilige heeft dus een dergelijke van onrecht bevrijdende functie. Kerkasiel is er daarom al vanaf het begin. Gelukkig zijn er ook kerken die hun bevrijdende taak af en toe op zich weten te nemen.