Selecteer een pagina

Zacharia 12:9-13:1

9 Op die dag zal ik alles in het werk stellen om de volken uit te roeien die Jeruzalem belagen. 10 Het huis van David en de inwoners van Jeruzalem echter zal ik vervullen met een geest van mededogen en inkeer. Ze zullen zich weer naar mij wenden, en over degene die ze hebben doorstoken, zullen ze weeklagen als bij de rouw om een enig kind; hun verdriet zal zo bitter zijn als het verdriet om een oudste zoon. 11 Op die dag zal men in Jeruzalem zo luid weeklagen als er in de vlakte van Megiddo wordt geweeklaagd om Hadad-Rimmon. 12 Het hele land zal rouwen: de nakomelingen van David en die van Natan, 13 de nakomelingen van Levi en die van Simi, 14 en alle overige families, elke familie afzonderlijk en de vrouwen steeds afzonderlijk van de mannen. 1 Op die dag zal er een bron ontspringen waarin de nakomelingen van David en de inwoners van Jeruzalem hun zonde en onreinheid kunnen afwassen. (NBV)

Er zijn zo af en toe mensen in de Bijbel die niet worden wat ze zouden moeten worden. Ze lijken te verdwijnen in het duister van de geschiedenis en de veelheid van verhalen. Maar onverwacht kunnen ze toch weer opduiken. Vandaag lezen we over twee van die mensen. Velen zullen hun namen nauwelijks kennen. Simi en Natan. Nu kennen we een Natan de profeet, maar die wordt hier niet bedoeld en die Simi kennen we beter als Simei en dan nog, wie kent nu nog dat verhaal van dat stenengooiende jongetje. Het verhaal van vandaag vertelt ons dat bij God mensen nooit vergeten zijn. Altijd weer komt er voor mensen, of hun nakomelingen, een dag dat de geschiedenis als het ware opnieuw begint. In de Bijbel is dat niet het moment dat de natuur zich hernieuwt, dat de winter overgaat in de lente, maar het omgekeerde is het geval, zoals de winter overgaat in de lente komt er voor de verdrukten, de vergeten mensen, de zwaksten en de minsten een moment dat de geschiedenis zich omkeert en zij boven komen drijven.

Het kwaad dat mensen is aangedaan zal worden berouwd. Hier gaat het om de doorboorde en veel en veel later zal men dit verhaal citeren als het gaat over Jezus van Nazareth en hoe die zijn verhaal door droeg door de dood heen. Ook Jesaja had het al over een doorboorde gehad die gewroken zou worden. Mensen krijgen spijt van hun wreedheden. Ze leren vaak dat het helemaal anders moet. Kindsoldaten worden leraren die weeskinderen onderwijzen zo zien wij in onze dagen. Dat gaat niet vanzelf, daarvoor moeten we veel geld en ondersteuning in projecten steken die hen de kans geven. Maar de geschiedenissen van Simi en Natan leren ons dat het niet vergeefs hoeft te zijn. Simi was de jongste zoon van Saul. Toen Saul en de broers van Simi de dood op het slachtveld hadden gevonden bleef Simi niet anders dan uit woede stenen te gooien naar David. David had medelijden met hem en zo kon Simi een familie stichten en nakomelingen krijgen.

Met Natan gebeurde net zo iets, hij was een zoon van David maar kreeg nooit het recht op troonsopvolging. Toch ging zijn nageslacht niet verloren. In het geslachtsregister van Jezus van Nazareth zoals Matteüs dat opgeschreven heeft komt hij voor al was er ooit over hem verteld dat hij als baby al gestorven was. Hier in dit Bijbelgedeelte komt hij dus ook voor, daar waar verteld wordt dat de zwaksten sterk worden als David, dat alle volken uitgeroeid worden die zich niet aan de Wet van eerlijk delen willen houden en die Wet van de aardbodem willen wegvagen. Die weerstand zal de bron worden van mededogen en inkeer. Wanhoop dus niet als mensen je voor gek verklaren als je vasthoud aan recht en gerechtigheid, aan het voeden van hongerigen, kleden van naakten, bezoeken van gevangenen, en opnemen van vreemdelingen. De dag zal komen dat er een omkeer komt, een dag waarop de armen bevrijdt zullen worden.