Hij nam zijn vrouw bij zich

Matteüs 1:18-25 18 De afkomst van Jezus Christus was als volgt. Toen zijn moeder Maria al was uitgehuwelijkt aan Jozef maar nog niet bij hem woonde, bleek ze zwanger te zijn door de heilige Geest. 19 Haar man Jozef, die een rechtschapen mens was, wilde haar niet in opspraak brengen en dacht erover haar in … Lees verder

Veertien generaties

Matteüs 1:1-17 1 Overzicht van de afstamming van Jezus Christus, zoon van David, zoon van Abraham. 2 Abraham verwekte Isaak, Isaak verwekte Jakob, Jakob verwekte Juda en zijn broers, 3 Juda verwekte Peres en Zerach bij Tamar, Peres verwekte Chesron, Chesron verwekte Aram, 4 Aram verwekte Amminadab, Amminadab verwekte Nachson, Nachson verwekte Salmon, 5 Salmon … Lees verder

De HEER beschermt de vreemdelingen

Psalm 146 1 Halleluja! Loof de HEER, mijn ziel. 2 De HEER wil ik loven zolang ik leef, mijn God bezingen zolang ik besta. 3 Vertrouw niet op mensen met macht, op een sterveling, bij wie geen redding is. 4 Stokt zijn adem, hij keert terug tot de aarde, op die dag gaat hij met … Lees verder

Een zwerm bijen.

Jesaja 7:18-25 18 Op die dag zal de HEER de vliegen van de verste waterstromen van Egypte bijeenfluiten, en uit Assyrië een zwerm bijen. 19 Ze zullen allemaal komen en neerstrijken in steile rivierdalen en in rotsspleten, bij iedere drinkplaats en op elke doornstruik. 20 Op die dag zal de Heer met een aan de … Lees verder

Boter en honing

Jesaja 7:10-17 10 De HEER liet verder tegen Achaz zeggen: 11 ‘Vraag om een teken van de HEER, uw God, hetzij uit de diepte van het dodenrijk hetzij uit de hoge hemel.’ 12 Maar Achaz antwoordde: ‘Nee, ik zal geen teken vragen, ik zal de HEER niet op de proef stellen.’ 13 Toen antwoordde Jesaja: … Lees verder

Als jullie geen vertrouwen hebben

Jesaja 7:1-9 1 In de tijd dat Achaz, de zoon van Jotam, de zoon van Uzzia, regeerde over Juda, trok koning Resin van Aram samen met koning Pekach van Israël, de zoon van Remaljahu, op naar Jeruzalem. Hij belegerde de stad, maar slaagde er niet in haar in te nemen. 2 Toen het koningshuis van … Lees verder

Smeer hun ogen dicht

Jesaja 6:1-13 1 In het sterfjaar van koning Uzzia zag ik de Heer, gezeten op een hoogverheven troon. De zoom van zijn mantel vulde de hele tempel. 2 Boven Hem stonden serafs. Elk van hen had zes vleugels, twee om het gezicht en twee om het onderlichaam te bedekken, en twee om mee te vliegen. … Lees verder

Mijn smeekbede

Psalm 28 1 Van David. U, HEER, roep ik aan, mijn rots, houd u niet doof. Als U blijft zwijgen, word ik een dode met de doden in het graf. 2 Hoor mijn smeekbede als ik U om hulp roep, als ik mijn handen ophef naar het hart van uw heiligdom. 3 Ruk mij niet … Lees verder

Hun oren zijn doof

Handelingen 28:23-31 23 Ze maakten een afspraak en kwamen op de vastgestelde dag in groten getale naar hem toe. Van de ochtend tot de avond legde Paulus getuigenis af en sprak hij uitvoerig met hen over het koninkrijk van God, terwijl hij hen op grond van de Wet van Mozes en de Profeten voor Jezus … Lees verder

Omwille van de hoop

Handelingen 28:11-22 11 Na drie maanden vertrokken we met een schip dat op het eiland had overwinterd. Het was een schip uit Alexandrië met de Dioscuren als boegbeeld. 12 We deden de haven van Syracuse aan, waar we drie dagen bleven liggen. 13 Daarna lichtten we de ankers weer en kwamen we aan in Regium. … Lees verder

Veilig en wel aan land

Handelingen 28:1-10 1 Pas toen we veilig en wel aan land waren gekomen, hoorden we dat het eiland Malta heette. 2 De plaatselijke bevolking gedroeg zich buitengewoon vriendelijk: ze verwelkomden ons en staken een vuur aan omdat het was gaan regenen en koud was. 3 Paulus sprokkelde een grote bos dor hout en legde die … Lees verder

Naar recht en wet

Psalm 72 1 Van Salomo. Geef, o God, uw wetten aan de koning, uw gerechtigheid aan de koningszoon. 2 Moge hij uw volk rechtvaardig besturen, uw arme volk naar recht en wet. 3 Mogen de bergen vrede brengen aan het volk en de heuvels gerechtigheid. 4 Moge hij recht doen aan de zwakken, redding bieden … Lees verder