Waar zijn je goden nu?

Deuteronomium 32:36-44 36 Want de HEER zal zijn volk recht doen, Hij ontfermt zich weer over zijn dienaren. Als Hij ziet dat alle krachten hun begeven en weldra iedereen bezwijkt, 37 zal Hij zeggen: “Waar zijn je goden nu? Waar is de rots waarop je steunde? 38 Hebben ze niet het vet van je offers … Lees verder

De feiten verdraaien

Deuteronomium 32:26-35 26 Ik zou hen wel willen wegvagen, elke herinnering aan hen willen uitwissen, 27 maar Ik vrees de hoon van hun vijanden. Die zullen immers de feiten verdraaien, de overwinning voor zichzelf opeisen en de hand van de HEER daarin ontkennen. 28 Zo kortzichtig zijn die vijanden, het ontbreekt hun aan elk begrip. … Lees verder

Het diepste dodenrijk

Deuteronomium 32:15-25 15 Toen werd Jesurun vadsig en vet, het raakte verzadigd, werd dik en rond. Het kwam in verzet, liep weg van zijn schepper, versmaadde zijn stut en steun, zijn rots. 16 Ze tergden Hem met vreemde goden, met gruwelijke beelden krenkten ze Hem. 17 Ze brachten offers aan demonen, aan goden die geen … Lees verder

Van begin tot eind

Deuteronomium 31:30–32:14 30 En ten aanhoren van de verzamelde Israëlieten zong Mozes dit lied, van begin tot eind: 1 ‘Leen mij uw oor, hemel, nu ik ga spreken, luister, aarde, naar wat ik zeggen zal. 2 Moge mijn onderricht neerdalen als regen, mogen mijn woorden zijn als milde dauw, als regen op het jonge gras, … Lees verder

Hoe lang nog,

Psalm 74 1 Een kunstig lied van Asaf. Waarom, God, hebt U ons voor altijd verstoten, brandt uw woede tegen de schapen die U hoedt? 2 Denk aan het volk dat U ooit hebt verworven, de stam die U hebt vrijgekocht, uw eigen bezit, de Sionsberg waar U ging wonen. 3 Kom naar de stad … Lees verder

Ik zal je terzijde staan

Deuteronomium 31:19-29 19 Daarom moet jij het volgende lied opschrijven en het de Israëlieten uit hun hoofd laten leren; Ik zal het tegen hen laten getuigen. 20 Want zo zal het gaan: Ik breng hen naar het land dat Ik hun voorouders onder ede heb beloofd, een land dat overvloeit van melk en honing. Ze … Lees verder

Je leven loopt ten einde.

Deuteronomium 31:9-18 9 Mozes stelde zijn hele onderricht op schrift en gaf de boekrol aan de Levitische priesters, die de ark van het verbond met de HEER moesten dragen, en aan de oudsten van Israël. 10-11 Hij droeg hun daarbij het volgende op: ‘Lees deze voorschriften elk zevende jaar, het jaar van de kwijtschelding, tijdens … Lees verder

Vastberaden en standvastig

Deuteronomium 31:1-8 1 Hierna sprak Mozes de Israëlieten opnieuw toe. Hij zei: 2 ‘Ik ben nu honderdtwintig jaar oud en niet in staat om nog langer leiding te geven. Bovendien heeft de HEER me gezegd dat ik de Jordaan niet mag oversteken. 3 De HEER, uw God, zal zelf voor u uit gaan en de … Lees verder

U kunt ze volbrengen.

Deuteronomium 30:11-20 11 De geboden die ik u vandaag heb gegeven, zijn niet te zwaar voor u en liggen niet buiten uw bereik. 12 Ze zijn niet in de hemel, dus u hoeft niet te zeggen: “Wie stijgt voor ons op naar de hemel om ze daar te halen en ze ons bekend te maken, … Lees verder

Er weer vreugde in vinden

Deuteronomium 30:1-10 1 Wanneer alles werkelijkheid is geworden wat ik u beschreven heb, de zegeningen en de vervloekingen, en wanneer u ten slotte, door de HEER, uw God, uiteengejaagd en verstrooid onder alle volken, daar lering uit getrokken hebt 2 en samen met uw kinderen naar de HEER, uw God, terugkeert en Hem weer met … Lees verder

Zo’n giftige kiem

Deuteronomium 29:15-28 15 U herinnert u de tijd dat we in Egypte woonden en hoe we daarna door het gebied van andere volken trokken. 16 U hebt toen kennisgemaakt met de gruwelijke afgodsbeelden van hout, steen, zilver en goud die zij erop na hielden. 17 Mogelijk is er hier een man of vrouw, of zelfs … Lees verder

Niet alleen met u

Deuteronomium 29:1-14 1 Mozes riep het hele volk van Israël bijeen en sprak het als volgt toe: ‘U hebt in Egypte met eigen ogen gezien wat de HEER allemaal heeft gedaan met de farao en al zijn dienaren, en met heel zijn land. 2 U was getuige van zijn grootse daden en tekenen en wonderen, … Lees verder