Home | About | Disclaimer | Emea.nl

Archief voor juni, 2012

Zijn kinderen zullen gelukkig zijn.

woensdag, 20 juni, 2012

Spreuken 20:1-10

Volgens de geleerden die de Bijbel grondig hebben bestudeerd en daar ook les in geven zou in het gedeelte dat we vandaag lezen maar weinig samenhang te vinden zijn. Maar dat is toch merkwaardig, want als je de tien stellingen van vandaag  achter elkaar leest en je begint met de braller dan zeg je steeds ja, ja zo zit het ook in elkaar. Het gaat hier om het vertonen van slecht, onverstandig of dwaas gedrag. Dat gedrag is meestal het eerst schadelijk voor jezelf, maar vaak ook voor anderen en dan wordt het nog erger. Dit laatste is bijvoorbeeld te zien aan de spreuk over de twee maten. Het hebben van een valse maat is op zich al erg, een misdrijf volgens de Bijbel, maar met het hebben van twee maten kun je je bedrog nog verbloemen ook  en net doen of je een eerlijke koopman bent.

Maar moeten we nu alles met de mantel der liefde bedekken en als een zwijgende wijze in een hoekje gaan zitten? Zo is het niet.Het is echter zaak voor het goede ook resultaat te bereiken. Het in gevaar brengen van je eigen leven is soms nodig in het verzet tegen een onrechtvaardige koning, in onze dagen tegen een wrede dictatuur. Maar je moet wel beseffen je dan je eigen leven en vaak dat van anderen in gevaar brengt. Onnodig levens in gevaar brengen moet je zeker vermijden. Het gaat er dus om je verzet behoedzaam te organiseren. Daarom is het ook wijs ruzie te vermijden en zeker niet in een woordenstrijd verstrikt te raken. Daarom horen die verzen toch bij elkaar. Net als het vers over het ploegen door de luiaard dat er op volgt. Want als je stil blijft zitten omdat het maatschappelijk klimaat zo guur is, omdat die Koning zo brult, dan volgt er nooit een zomer van vrijheid en rechtvaardigheid.

Beter is dus goed nadenken over je strategie, niet te snel handelen en zeker niet te snel spreken. En gedachten zijn vrij want daar kan niemand bij, alleen mensen die net als jij verandering willen op een vreedzame geweldloze manier raden waar je mee bezig bent. Maar pas op, waarschuwt de Spreukendichter, weinig mensen zijn maar echt betrouwbaar. Toch is het spreken over recht en gerechtigheid en daar een samenleving op bouwen vruchtbaar. Dat zal altijd het uitgangspunt moeten zijn want daar hebben de komende generaties nog het meest aan, een samenleving die daarop is gebaseerd kan ook niet snel aan het wankelen worden gebracht ook al worden er fouten gemaakt. Blijf dus een eerlijke maat hanteren. Gelukkig mogen wij in onze samenleving in vrijheid werken aan de bouw van die Goddelijke samenleving, elke dag opnieuw, ook vandaag weer.

Een mens heeft het verlangen goed te doen

dinsdag, 19 juni, 2012

Spreuken 19:15-29

Er moet gewerkt worden. Tenminste volgens het Spreukenboek. Gaan geloven in de God van Israël is pas het begin. Begin van alle wijsheid en die wijsheid is, zoals we al eerder lazen, dat je je naaste lief moet hebben als jezelf. Voor luiheid is daarbij geen plaats, je verslaapt je tijd en als je laks bent, onverschillig dus ook, dan zul je honger lijden. Nee het gaat om het naleven van de geboden, het gaan van de weg van de Heer staat er zo deftig in de Bijbel. Maar dat deftige is gewoon een manier van vertalen, dat gebeurde nu eenmaal door deftige gestudeerde heren en dames. Want de arme is de vertegenwoordiger van God in ons leven. Als we barmhartigheid laten zien, onze hand uitsteken naar de outcast, dan lenen we aan God. En van een God mogen we verwachten dat die met rente terugbetaald.

Nu niet direct denken dat je rijker zult worden van het helpen van de armen, of dat je gezonder zult worden of langer zult leven, dat je geen tegenslag meer in het leven zult tegenkomen. Integendeel. Ook in onze dagen wordt de voortdurende onbaarzuchtige aandacht en zorg voor de minsten in de samenleving belachelijk gemaakt, in sommige landen bestraft zelfs. Wat we krijgen, met rente, is een betere wereld, in plaats van de ongelukkige arme die je tegenkwam krijg je een gelukkige arme die weer verder kan in het leven, aan wie recht is gedaan en die een plaats in de samenleving heeft ingenomen. Verwacht dus zelfs geen dankbaarheid.

Zorg dat je je eigen kinderen ook in die geest opvoedt. In de vorige vertaling stond hier dat je je zoon moet kastijden wanneer er nog hoop is. Tuchtigen klinkt wat milder, al betekent het hetzelfde. In de Naardense Bijbel die dicht bij de grondtekst probeert de Bijbel in het Nederlands te vertalen wordt gesproken over “vermanen”. Het gaat er in alle vertalingen en dus in de Bijbel om, dat je je kinderen niet moet laten doodvallen zolang er nog hoop is dat ze gaan meewerken aan die nieuwe aarde. Aan woedende medemensen, ook aan woedende kinderen, heb je dus niks, zelf kwaad worden en je kind slaan is daarom uit den boze. Maar zwijg niet over fouten omdat je geen conflict wil. Als er fouten gemaakt worden heb je een conflict en herstellen is dan geboden. Zo grijpt dat boek Spreuken ondanks zijn schijnbare oppervlakkige spreekwoorden diep in in ons leven van alle dag. Gelukkig dat we elke dag weer opnieuw mogen beginnen, ook vandaag weer.

 

Een arme komt alleen te staan.

maandag, 18 juni, 2012

Spreuken 19:1-14

Het gedeelte dat we vandaag lezen uit het boek Spreuken gaat over de arme. Op het eerste gezicht is het weer zo’n losse verzameling spreekwoorden maar als je je realiseert dat armen bevrijd willen worden van hun armoede dat zijn de verschillende spreuken niet zo vreemd. Ze waarschuwen de armen om niet met list en bedrog te proberen zich te bevrijden van de armoede. Ze roepen de rijken op de armen niet langer te isoleren maar hen te bevrijden van de armoede. Dat kan ook voor de rijken voordelig zijn, iedereen is immers een vriend van een vrijgevig persoon. En ook rijken kunnen arm worden is een waarschuwing die je herhaaldelijk in de Bijbel tegenkomt.

In de Bijbel komt het begrip arme meestal als een positief begrip voor. Mensen zijn niet zelf schuldig aan hun armoede. Luiheid, bandeloosheid, verkwisting zijn gedragingen die voor de rijken leiden tot armoede en daardoor een straf zijn voor de rijken, dwaas gedrag noemt de Spreuken dat. Maar armen zelf zijn je broeders en zusters die je tot hulp moet komen. Nog sterker, armen hebben dezelfde rechten als rijken en zullen tot hun recht moeten komen. Ze hebben talenten, eigenschappen die een verrijking zijn voor de samenleving, verrijking dus ook voor de rijken, en alleen daarom al zouden ze bevrijd moeten worden van hun armoede. Dat delen je rijker maakt is juist in onze dagen zeer sterk te merken.

In onze dagen wordt gepleit voor de verlaging van ontwikkelingssamenwerking. De steun aan de armsten in de wereld heeft de afgelopen zestig jaar niet echt geholpen klinkt het dan. Nu het bedrijfsleven inspringt groeien economieën pas en komen er dus nieuwe welvarende landen. Dat het bedrijfsleven vraagt om een gezonde, gevoede, opgeleide bevolking wordt dan vergeten. Juist gezondheidszorg, landbouw en voeding, scholing waren de kernpunten van ontwikkelingssamenwerking. Daarnaast is ook vaak gezorgd voor een moderne infrastructuur, voor wegen, voor banken, voor havens, voor een stabiel bestuur. Dat is kennelijk zo goed gelukt dat nu het bedrijfsleven kansen ziet om nieuwe markten aan te boren en geld te verdienen. Armen zijn er echter nog steeds, want delen staat nog altijd niet voorop. Daar moeten we dus nog aan werken, elke dag opnieuw, ook vandaag weer.

Want wie heeft zal nog meer krijgen

zondag, 17 juni, 2012

Marcus 4:21-25
 
Ja en wie niets heeft zal zelfs het laatste worden ontnomen. Is het dan bijbels dat de rijken rijker worden en de armen armer? Je zou het bijna denken. Partijen als het CDA voeren dan kennelijk toch een christelijke politiek volgens het evangelie van Marcus waar we weer naar teruggekeerd zijn. Maar deze uitspraken gaan over een serie vergelijkingen met het Koninkrijk van God. Wat is dat Koninkrijk nou eigenlijk. Het is in elk geval niet zo als we normaal gewend zijn. Met een regering, met belangrijke figuren, met opinieleiders en zo. Ook de achterkamertjes en de compromissen ontbreken. Alles wat verborgen is moet immers openbaar worden, en alles wat in het geheim is ontstaan moet aan het licht komen.

Dat Koninkrijk van God steekt overal bovenuit, daar is niks geheimzinnigs aan, integendeel iedereen mag meedoen, iedereen heeft er deel aan. Wie oren heeft om te horen moet goed luisteren. Dit is wat er over verteld wordt. En dan komt het stuk over de maat waarmee je meet. Die maat kennen we bijna niet meer, ja in museumwinkels kom je ze nog wel tegen. Er staan dan van die grote bakken vol moet suiker, koffiebonen, gort of andere granen, soms havermout ook. Bij die bakken ligt een grote schep en op de toonbank staat een weegschaal. Als het om de melk gaat staat er een kan naast met streepjes. Die weegschaal en die kan zijn de maten waarmee de koopwaar wordt afgemeten. In het Bijbelboek Leviticus staat dat je een zuivere maat moet hebben omdat je anders de armen besteelt. Wij kennen vanouds het IJkwezen dat de meetlatten, de maatbekers en de weegschalen controleert. Zelfs de benzinepompen langs de weg ontkomen niet aan een regelmatige controle.

En als we dat tot ons door laten dringen snappen we ineens wat er met die rare uitspraken bedoeld wordt. In een winkel met een betrouwbare weegschaal en een zuivere maat ga je graag kopen. Die gaat dus meer verdienen. Een winkel die de klanten besteelt met een onzuivere maat zal ook bestolen worden, daartegen komen klanten in opstand die hun geld terug willen hebben en daar blijven de mensen uiteindelijk weg, die winkel gaat ten onder. Eerlijkheid, rechtvaardigheid en zorg voor de ander leveren je economisch dus een directe winst op, voor de winkelier en voor de klant. Zorg dus dat je een zuivere maat hebt, want zoals je weegschaal weegt zal je ook zelf gewogen worden. De maat van het CDA deugt dus van geen kant. De maat die de rijken bevoordeelt en het eerst op hen let. Christenen letten op wie niets heeft, met die zal gedeeld worden, daar wil je de naaste van zijn. Elke dag mag dat weer opnieuw, ook vandaag weer.

Zij horen het woord

zaterdag, 16 juni, 2012

Marcus 4:10-20
 
Mensen zijn volgens het verhaal van Jezus soms net politici. Ze horen wat er nodig is, beloven er wat aan te doen maar als ze gekozen zijn dan gaan ze over tot de orde van de dag en hoor je er niks meer van. Neem nu de leden van de huidige gedoogcoalitie, die hebben de afgelopen tijd geregeerd en wat is het gevolg?  De armoede is vergroot, de inkomensverschillen zijn groter geworden, de tegenstellingen in diverse wijken dreigen steeds groter te worden, jongeren verzetten zich steeds meer en steeds geweldadiger tegen een uitzichtloze toekomst. Veel mensen willen dat veranderen. Dat verhaal van Jezus over een Koninkrijk waar de onderkant de boventoon voert en waar iedereen mag meedoen is echt nog niet vergeten in het land. Maar het CDA doet net of ze afstand van haar eigen daden neemt, maar benoemd de vurigste verdediger van dat beleid tot lijsttrekker.

Werknemers in veel bedrijven hebben zich al eens boos lopen maken op de exorbitante zelfverrijking van de top van het bedrijfsleven. Er stonden er  zelfs een aantal terecht wegens bedrog en misleiding, maar besluiten en wetgeving die dat gedrag aan banden leggen hebben we de afgelopen jaren niet gezien, integendeel, initiatieven daarvoor werden honend weggewoven ook door de CDA lijsttrekker. Het boze wint het soms van het goede woord, ook de beslommeringen van alle dag kan het winnen, maar als we er bij blijven en voortdurend blijven werken aan dat nieuwe Koninkrijk dan zal dat vrucht dragen. Voor de een wat meer dan voor de ander, maar vrucht dragen doet het en daar gaat het om.

Voedselbanken zijn een schande, in een rijk land moeten mensen honger lijden, maar gelukkig zijn er veel mensen die voedselbanken met wachtlijsten een nog grotere schande vinden. Als men in de wijken waar mensen wonen met een wat hoger inkomen huis aan huis voedsel op gaat halen dan blijken de voedselbanken zelfs op die manier te voorzien. Maar nog steeds moet het aangaan van leningen en afbetalingsregelingen voor het kopen van goederen aan banden worden gelegd. En dat overmatig lenen heeft veel armoede veroorzaakt. Consumeren is niet heilig al wordt het in onze samenleving verafgood. Meedoen, kunnen meedoen en delen zijn de slagwoorden van het Koninkrijk van Jezus. We moeten ons niet uit het veld laten slaan maar ook vandaag er mee aan het werk gaan.

Ze schoten op en groeiden

vrijdag, 15 juni, 2012

Marcus 4:1-9

Vandaag lezen we de gelijkenis van Jezus over zaadjes die in de akker vallen en vrucht dragen. Het meest vruchtbaar zijn natuurlijk de vrouwen onder ons. In de Bijbel vindt je veel verhalen over bevrijding die beginnen met verhalen over de vrouwen die daarin een rol spelen. Mozes zou het volk Israel uit de slavernij in Egypte leiden en aan het begin van het verhaal over Mozes gaat het over zijn moeder, zijn zuster en een Egyptische prinses. De zuster van Mozes speelde ook later nog een belangrijke rol. Aan het begin van het verhaal van Jezus van vandaag staat zijn moeder. Het is eigenlijk een verhaal over hoop en wanhoop. We hopen natuurlijk allemaal dat ons streven in het leven ook wat opbrengt. Veel mensen zeggen dan dat ze de wereld voor hun kinderen een beetje beter willen achterlaten als ze de wereld hebben aangetroffen.

Voor de agrariërs breekt de tijd van zaaien en planten aan en de hoop op een goede oogst. Nu de meeste agrariërs verdwenen zijn heeft de Protestantse kerk in de jaarlijkse bid en dankdagen voor het gewas ook de arbeid daar bij betrokken. En natuurlijk is het goed om met elkaar af te spreken, en daarbij stil te staan, dat dat zaaien,oogsten en werken tot zegen zal zijn, ofwel ten goede komt aan de armsten in de samenleving. En in onze dagen kan dat heel direct en tastbaar door een flink deel van gewas en inkomen te bestemmen voor de voedselbanken, als een winkel 2 produkten voor de prijs van 1 geeft kun je dat extra product gemakkelijk even langsbrengen. Vrouwen weten dat over het algemeen al wel, maar vrouwen moeten vandaag weer eens stilstaan bij wat ze eigenlijk waard zijn.

Veel vrouwen stellen zich nog te dienstbaar en onderdanig naar hun mannen op. Omdat ze vaak zo weinig van zichzelf houden komt er van de liefde voor hun naaste ook maar weinig terecht. De biddag voor gewas en arbeid wordt overigens het meest gevierd door de aanhang van de SGP, voor hen is het zaak de inbreng van vrouwen ook vruchtbaar te laten zijn voor de hele samenleving en die inbreng niet alleen over te laten aan de mannen onder hen. Straks bij de verkiezingen voor de tweede kamer zouden lijsten van de SGP waarop alleen mannen verkiesbaar zijn eigenlijk moeten worden geweigerd als strijdig met de Bijbel, met de grondwet trouwens ook. Onze hele samenleving zou er een stuk vruchtbaarder van worden en dat is ook de bedoeling van het Bijbelgedeelte dat we vandaag lezen. Laten we bij alle discussies die over ons land gevoerd gaan worden die discussie niet vergeten, in een land dat zich op de God van Israël richt kan iedereen meedoen en hoort iedereen vertegenwoordigd te zijn in de volksvertegenwoordiging.

 

Wie geneest een zieke geest?

donderdag, 14 juni, 2012

Spreuken 18:13-24

In het Nieuwe Testament lezen we dat Jezus van Nazareth boze geesten uitdreef. Hij gaf zelfs zijn leerlingen de macht boze geesten uit te drijven. In onze dagen hebben we niet zoveel meer met boze geesten. We spreken over psychiatrische aandoeningen die dan in meer of minder ernstige mate kunnen voorkomen. Veel van die aandoeningen zijn terug te herleiden op angst. Soms als angst die ooit voorkwam maar waarvan de reactie op die angst als symptoom van een afwijking blijft bestaan, soms als een blijvende angst voor het leven of voor wat dan ook. In de hele Bijbel wordt angst voortdurend bestreden, het “vreest niet” klinkt in allerlei variaties. Wie de “genezingen” van Jezus van Nazareth en zijn apostelen nog eens naleest ziet dat mensen ineens weer mee kunnen doen in hun samenleving. In een maatschappij die onderdrukt wordt door een wrede bezetter moet je wel heel vrij van angst zijn en een heel gezonde geest hebben wil je gewoon weer mee kunnen gaan doen.

Het boek Spreuken wijst eigenlijk ook op de aanwezigheid van de “zieke geest” die mensen tegenhoudt zich als wijze te gedragen. De angst voor verlies van bezit, van toekomst, van een gewaarde plaats in de samenleving drijft mensen tot een handelen dat ze eigenlijk verwerpen. De angst voor vreemdelingen of het vreemde kan dat nog versterken. Zogenaamd slimme politici spelen in op die angst en proberen daar hun voordeel mee te doen, wijze politici bestrijden die angst ook al lopen ze het risico daar zelf verlies door te lijden. De roep om openheid naar de wereld, zonder angst te durven rondkijken, geschenken uitdelend aan wie ze nodig heeft, klinkt door het hele boek Spreuken in een bijzondere vorm. Veel van de verhalen uit de Bijbel gaan over die onbaatzuchtige gastvrijheid maar hier staat het nog eens zo dat het algemeen toepasbaar wordt.

Dat uitdelen van geschenken moet je overigens niet gebruiken om vrienden mee te krijgen. Wie veel vrienden heeft raakt snel geruïneerd, het boek Spreuken is ook niet zonder humor. Het relativeert ook. Zo zijn gelijk hebben en gelijk krijgen twee verschillende dingen. Soms heeft het weinig zin je energie te verspillen en het krijgen van gelijk. Volgens Spreuken kun je dan net zo goed het lot werpen, kruis of munt zeggen wij dan, dat lost ook de meest ernstige conflicten op. Je kunt beter letten op je woorden en het goede blijven zeggen en het goede blijven doen. Van de rijken hoef je het niet verwachten, maar de zorg voor de minsten, voor de zwakken levert je ook volgens het boek Spreuken uiteindelijk de rijkdom en de vrede op waar elk mens eigenlijk op uit is. Gelukkig maar dat wij dat elke dag opnieuw mogen proberen, ook vandaag weer.

Wie zichzelf in de hoogte steekt

woensdag, 13 juni, 2012

Spreuken 18:1-12

De verzen uit gedeelte dat we vandaag in het Spreukenboek lezen hebben meer onderling verband dan je op het eerste gezicht zou zeggen. In de eerste drie verzen komen achtereenvolgens de zonderlinge, de dwaze en de slechte mens voor. Om dan te wijzen op het gesproken woord, van een goed mens, van een rechter, van een dwaas en van een lasteraar. Wat goed klinkt hoeft dus niet altijd goed te zijn. Als je een onderling verband legt tussen de verzen dan zie je dat het doel dat mensen drijft verschillend kan zijn maar dat een eigen agenda kan betekenen dat wat op het eerste gezicht rechtvaardig en logisch klinkt bij nadere beschouwing, vooral als blijkt waar men op uit is, wel eens slecht en onrechtvaardig kan zijn.

De laatste vier verzen uit het gedeelte van vandaag zijn een omarming. Eerst wie lui is en tot slot wie zichzelf in de hoogte steekt. Ondergang en val verbinden beiden. Daar tussenin de vaste burgt van de gelovige en de schijnzekerheid van de rijke. In de Nieuwe Bijbelvertaling staat natuurlijk de sterke toren maar die moet je denken in de zin van het lied van Luther: “Een vaste burgt is onze God, een toevlucht voor de zijnen”. Die God trekt met ons mee, die God laat het licht schijnen over de zwakken, de minsten op aarde. Die God zorgt dat mensen die langs de kant van de weg zijn komen te liggen weer mee kunnen gaan doen en tot hun recht komen. Als er tenminste gelovigen zijn die de stem van die God willen horen en die God willen volgen op zijn Weg naar een nieuwe hemel en een nieuwe aarde. Uit de manier waarop die God een sterke toren wil zijn blijkt ook de schijnveiligheid van de rijke. Naastenliefde is niet te koop. Een muur bouwen van je rijkdom brengt je niet verder in het leven, je wordt een slaaf van je rijkdom.

Er zijn in ons land gelukkig tallozen die zich bezig houden met de zorg voor de zwakken. Denk maar aan de vrijwilligers in ziekenhuizen en verzorgingscentra, de mensen in de voedselbanken en Fair Trade winkels. De schrijvers voor Amnesty, de geldinzamelaars voor talloze projecten in ontwikkelingslanden en al die anderen die op de een of andere manier in eigen dorp, straat of stad zich inzetten voor een betere leefomgeving, aan het kader in vakbonden dat strijd voor rechtvaardige verhoudingen in het werk. Er zijn er bijna te veel om op te noemen. Toch hoor je ze maar zelden, ze vragen bijna nooit om maatschappelijke erkenning, om voorrang in het maatschappelijk verkeer. Ze zijn bescheiden en als ze geëerd worden vanwege de vele jaren dat ze hun vaak moeilijke en ondankbare werk hebben volgehouden hoor je ze zeggen dat ze het deden omdat ze het zo fijn vonden. Ook die mensen staan in de Bijbel, ze staan in verband met eerbetoon, daar horen ze, maar dat zoeken ze niet. We mogen dankbaar zijn dat we ons er elke dag bij aan mogen sluiten, ook vandaag weer.

Iemand met inzicht is bezonnen.

dinsdag, 12 juni, 2012

Spreuken 17:15-28

De verzameling vermaningen uit het Spreukenboek laat zich gemakkelijk oppervlakkig lezen. Het is als het spreekwoordenboek maar dan zonder de uitleg er bij. Dat komt eigenlijk omdat het boek Spreuken zelf al uitleg is. Het is de uitleg van de filosofie van de God van Israël. Hoe zit het eigenlijk in het gewone leven van alledag en waar zou je op moeten letten zijn de vragen die hier aan de orde zijn. Wij lezen de Bijbel nog wel eens als een boek met regels van wat mag en wat niet mag. Maar dat is een heel verkeerde manier van lezen. Volgens Paulus bijvoorbeeld gaat het in de Bijbel om het bereiken van vrijheid, zorgen dat je nergens van afhankelijk bent. Denk dan maar eens aan de rol van het geld in ons dagelijks leven. Daar zijn we van afhankelijk voor eten en drinken, maar dat verdienen we door te werken. Maar als we ook voor ons recht, voor ons geluk, voor onze liefde afhankelijk worden van geld dan gaat het met ons leven toch de verkeerde kant op. En dat is nu net de boodschap die je vandaag in het Spreukenboek kan lezen.

Het eerste vers van vandaag gaat overigens over de rechtspraak. Recht en gerechtigheid zijn sleutelbegrippen in de hele Bijbel, je komt ze voortdurend tegen. De rechtvaardige is iemand die de ander recht doet, tot zijn of haar recht laat komen. De goddeloze brengt de ander schade toe en staat alleen op zijn eigen recht. Een rechtvaardige rechter komt op voor de zwakken en laat ook hen tot hun recht komen. In ons rechtssysteem ontbreekt dat nog wel eens, al te gemakkelijk wordt soms van mensen verwacht dat ze zichzelf kunnen verdedigen en in het kinderrecht wordt bijna blindelings uitgegegaan van de roddel en achterklap die rapporteurs van kinderbescherming en jeugdzorg de rechters voorleggen. Maar wijsheid is niet te koop, wijsheid en inzicht zijn ook niet voor te schrijven. Je kunt de wijsheid van de God van Israël alleen voorhouden en voorleven.

Voor dat voorhouden reikt Spreuken nu deze soms oppervlakkig lijkende verzen aan. In moeilijke situaties is het soms raadzaam je even terug te trekken en in het boek Spreuken op zoek te gaan naar het bij de situatie passende vers. Door dat voor te houden kan iemand aan het denken worden gezet, kan iemand zich nog eens bezinnen op waar die eigenlijk mee bezig is en ander gedrag gaan vertonen. Dwingen heeft geen zin, ruzie maken is een ander geweld aan doen. Overtuigen en voorleven zijn de twee middelen die het spreukenboek aanbeveelt. En voor ouders en kinderen opvoeden. Want een dwaas verwek je door je kind verkeerd op te voeden. Ook daar is het voorleven een belangrijk element. Maken we het leven nu niet somber en zwaar? Welnee, volgens de Spreuken bevordert een vrolijk hart een goede gezondheid. Juist het vermogen begrip voor een ander op te brengen, iemand tot zijn of haar recht laten komen, een hand uitsteken om iemand die gevallen is weer op te laten staan verlichten het alledaagse bestaan en laten het weer even stralen. Wij mogen daar elke dag weer opnieuw mee beginnen, ook vandaag weer.

Staak de strijd voordat hij losbarst.

maandag, 11 juni, 2012

Spreuken 17:1-14

Vandaag weer zo’n schijnbaar losse verzameling vermaningen uit het Spreukenboek. Wij zijn dat niet meer zo gewoon. Wij kennen conventies, fatsoensregels, die kun je houden of overtreden maar ze schaden verder niemand. De staat kent daarbij ook nog wetten waar iedereen zich aan moet houden. En dan zijn er ook nog wetten die ook in het wetboek van de staat staan maar die iedereen bijna als van nature kent, zoals je mag niet doden en je mag niet stelen. De staat mag soms wel doden, al hebben we dat ook liever niet. Het volk Israël kende toch ook van die wetten? Wat moeten we dan met de vermaningen van het boek Spreuken? Het volk Israël kende zeker wetten maar dat zijn niet de wetten zoals onze Staat die kent. Het zijn meer de wetten die we van nature kennen en die worden samengevat in “Heb uw naaste lief als uzelf”. De geschiedenis die God met Israël is gegaan, een andere als wij uit geschiedenisboekjes kennen, is er een van staat, naar leerhuis en synagoge, naar gemeente, van een religieuze politiek naar een ethische religie.

En ethiek is de beschrijving van het handelen van elk individu, van het maken van de keuzes ten goede. En daar gaat het in het gedeelte uit het boek Spreuken van vandaag ook over. De eerste vermaningen die echt opvallen zijn de “beter dan” spreuken. Meestal zijn die tegengesteld aan wat we zo in het dagelijks leven gewend zijn. Beter een stuk droog brood dan een huis vol met voedsel klinkt als een dwaze uitspraak, maar beter vrede dan ruzie is al heel wat verstandiger en als je een huis vol voedsel maar met ruzie moet inruilen voor wat minder eten maar vrede dan wordt het al aantrekkelijker. Dat geldt ook voor de andere “beter dan” uitspraken in dit gedeelte. Je moet er even over nadenken en dan valt soms het kwartje en is het zo dwaas nog niet. Het boek Spreuken is niet voor niks wijsheidsliteratuur, wijsheid als begin van de kennis van de God van Israël en begin van hoe om te gaan met heb uw naaste lief als uzelf.

De andere vermaningen die echt opvallen gaan over de tegenstelling verstandig en onverstandig. Nu zul je onverstandig niet zo vaak tegenkomen. Spreuken spreekt dan vaker over onwaardig, schande brengend. En met iemand die je schande brengt deel je niet zo graag. Een slaaf, deel uitmakend van de familie, die verstandig is in de zin van de Bijbel, daar deel je graag mee. Die zoekt zichzelf niet die zoekt het belang van de familie. Het is een slaaf als die van Abraham, die op reis ging om een vrouw voor Izaaäk te zoeken en met Rebecca thuis kwam. Zo’n slaaf mag meedelen in de erfenis. Spreuken roept ons ook in dit gedeelte op om het belang van de ander, van de minste allereerst, voorop te stellen. Die wijsheid mogen we ons elke dag weer opnieuw eigen maken, ook vandaag weer.