Home | About | Disclaimer | Emea.nl

Archief voor oktober, 2007

De wijze volgt altijd het goede spoor

zondag, 21 oktober, 2007

Prediker 10:1-11

Dat van die kostbare zalf die al bederft door één dode vlieg vindt je nog wel eens in spreekwoordenboeken terug. Het is een spreekwoord dat wat in onbruik is geraakt omdat we nu eenmaal graag iedereen mee willen laten doen maar waar je toch zo af en toe bij stil moet staan. Een beetje dwaasheid maakt de beste wijsheid ranzig. We kennen toch de verhalen over verborgen agenda’s, of liefdadigheid waar een luchtje aanzit omdat het meer in eigen belang is dan uit liefde voor de arme. Zo stellen de Europeese landen de arme landen voor hun tolmuren maar af te schaffen. Dan ontstaat er immers toegang voor de goedkope produkten uit Europa en daar zouden die arme bevolkingen wat aan hebben. Verbaasd reageren de regeerders als die arme landen dat afwijzen. Die arme landen vinden dat hun boeren en industriën worden weggeconcureerd als hun markten overspoeld worden met de overschotten uit Europa, de armoede zou daardoor groter worden. De tolmuren rond Europa blijven wel bestaan zodat er geen afzet is voor hun eigen producten. Een staaltje van eigenbelang onder het mom van liefdadigheid. Als je al kwaad wordt tel dan eerst tot tien en denk goed na. Zelfs Prediker had door dat de rijken en de machtigen de zaak voor de gek houden. Ze zetten stromannen op hoge posten, marionetten die mooi lijken maar alleen reageren als de rijken aan de touwtjes trekken. Zo lijken de edelen op soldaten en de arme soldaten op officieren. Wie in een oorlog de officieren denkt te doden komt dus van een koude kermis thuis. Op die manier is ons wijs gemaakt dat er massavernietigingswapens in Irak waren en dat we daar direct oorlog tegen moesten gaan voeren. De leugens van Bush en de zijnen zijn inmiddels wel ontmaskerd, het enige raadsel dat overblijft is de vraag waarom Balkenende en de zijne zich lieten verlokken in die leugens mee te gaan, zij weigeren een onderzoek en de enige reden is dat natuurlijk niet moet blijken waar de touwtjes zitten die hen in beweging houden. Maar wellicht komen we er ooit nog achter, want wie een kuil graaft heeft niet alleen veel werk maar kan er ook zelf invallen. Ook hier vinden we spreekwoorden die we niet meer zo vaak gebruiken. Vooral die over het bezweren van de slang wordt nogal eens vergeten. Als je de slang niet bezweert is het te laat als die gaat bijten. Wie jongeren over straat laat zwerven en hun ouders verplicht te gaan werken zodat de jongeren geen opvang hebben buiten schooltijd moet niet verbaasd staan dat die jongeren kattekwaad gaan uithalen en als daar niet op gereageerd wordt van kwaad tot erger vervallen. Het idee dat moeders met kinderen boven de 12 ook zonder kinderopvang kunnen gaan werken komt als een boemerang op ons terug. De Prediker waarschuwde er al voor, maar wij stoppen onze oren liever dicht.

Wijsheid mag gaan boven heldenkracht

zaterdag, 20 oktober, 2007

Prediker 9:13-18

In de tijd van de grote strijd voor vrouwenemancipatie werd vaak opgemerkt dat, doordat veel vrouwen thuis bleven zitten, de maatschappij verstoken bleef van heel veel talent. Ook in de strijd tegen de discriminatie van zwarten in Amerika hoorde je dat de samenleving verstoken bleef van het talent van zeer knappe mensen. Nu vrouwen mee mogen doen en zwarten veel minder worden gediscrimineerd zie je ineens ook slimme en inteligente mensen boven komen drijven. Dat gaat nog maar langzaam maar het gebeurd wel. De Nobelprijswinnaar die suggereerde dat zwarte mensen genetisch minder slim zijn dan blanke mensen moet dan ook wel ongelijk hebben als je kijkt naar de gekleurde medemensen die ineens wijzen blijken te zijn. Hij moest zijn excuses dan ook aanbieden omdat zijn opmerkingen wel heel erg onwetenschappelijk bleken te zijn. Ook Prediker waarschuwt de samenleving voor het verlies aan wijsheid dat we lijden als niet iedereen op gelijke voet mag meedoen. In onze samenleving hebben we een zogenaamde representatieve democratie. Een maal in de vier jaar mogen we afgevaardigden kiezen die ons dan vier jaar lang vertegenwoordigen. Een veel betere vorm van democratie is er nog niet gevonden. Maar als die volksvertegenwoordigers gaan denken dat ze zelf het volk zijn en niet meer gecontroleerd worden door de mensen die ze gekozen hebben, niet meer in gesprek blijven met die mensen, dan lopen ze kans de wijze over het hoofd te zien die de problemen had kunnen oplossen. De kunst van het houden van een goede samenleving is nu juist te zorgen dat iedereen er bij betrokken blijft. Vroeger gebeurde dat in politieke partijen. Daar zijn nu zo weinig mensen lid van dat de gedachte opkomt om er maar losse en vrijblijvende bewegingen van te maken. Dat versterkt de gedachte dat de discussie op Televisie bepalend is voor de vraag wie ons vertegenwoordigd. Dat verzwakt de gedachte dat iedereen mee moet kunnen praten en dat juist onder de armen ook de wijze zou kunnen schuilen die de oplossing voorhanden heeft voor de grote maatschappelijke problemen. Misschien zouden de massamedia wat meer aandacht moeten besteden aan de waarde van de politieke partijen met hun afdelingsvergaderingen, met de vele ideeën die daar worden vertaald in eindeloze moties en lange congressen die schijnbaar over kleine problemen gaan en waar vaak stamelend en haperend de goede oplossingen worden bepleit. Voor Televisie en kranten zijn de goedgeformuleerde slagzinnen natuurlijk veel aantrekkelijker, kort door de bocht, aanstootgevend en helder. Maar brengt ons dat de oplossingen waar we echt op zitten te wachten? In onze dagen zien we dat we daardoor gemakkelijker tegen elkaar worden opgezet. En dat is het soort oorlog waarvoor de Prediker ook waarschuwt.

Soms ook hebben de wijzen geen brood

vrijdag, 19 oktober, 2007

Prediker 9:7-12

Tegenslag kan iedereen treffen benadrukt de Prediker keer op keer. Het heeft geen zin te denken dat je een uitzondering bent. Dat je niet deugt omdat je ruzie hebt, ziek bent, gehandicapt bent, ontslagen bent, gescheiden bent of nageroepen wordt op straat. Het heeft ook geen zin te denken dat je te weinig geloof hebt. Tegenslag heeft iedereen in het leven wel eens. De enige raad die je mensen kunt geven is met vreugde het brood te eten dat hen gegeven is en met een goedgestemd hart hun wijn te drinken. Als je dan samen met je geliefde het leven kunt beschouwen dan ontbreekt er eigenlijk niets aan het bestaan. Als je wilt kun je leven als een koning, want dan kun je witte gewaden dragen en is je hoofd gezalfd met olie. Als je het goede doet en niets dan het goede dan kan immers geen mens je wat maken, dat heb je geen baas en geen heer, geen koning en geen regering die je af kan houden te doen wat rechtvaardig is. Dan is er één Heer en dat is God en dan is er één koning die de wetten stelt waarlangs je leeft en dat ben je zelf. Als je je naaste liefhebt als jezelf dan mag je waarachtig jezelf ook liefhebben lijkt de Prediker hier te zeggen. Zonder die liefde is je leven al helemaal niets en alleen die liefde geeft er nog enige betekenis aan. Maar denken dat je meer bent is even dom als denken dat je minder bent. Alle mensen zijn gelijk want alle mensen gaan eens dood. Niemand neemt aanzien of rijkdom mee in de dood. Zelfs de bekendste namen uit de geschiedenis zijn alleen nog namen en plaatjes op schilderijen, als mens kennen we ze niet meer, zijn ze vergeten en niemand kan meer terughalen hoe ze als mens waren. Zo zijn we allemaal. Juist daarom moeten we ons niet druk maken om aanzien en rijkdom, juist daarom is het zo dom om je land te verheffen boven andere landen. Ooit maakten we deel uit van andere rijken, ooit behoorden verschillende delen van ons land zelfs tot verschillende andere landen en wellicht gaan we in de toekomst op in een nieuw Europa dat heel langzaam in onze dagen en in onze geschiedenis wordt gevormd. We mogen best trots zijn op een land dat haar best doet te delen met de armste landen in de wereld, dat de onrechtvaardige tolmuren aan de orde stelt, maar we zijn niet beter of slechter dan andere landen op de wereld waar armen worden geholpen en waar men probeert een plek voor iedereen in de samenleving te vinden. We weten best dat onze taal veranderd en dat we zelfs moeite hebben boeken te begrijpen die 150 jaar geleden geschreven zijn, maar met het veranderen van onze taal veranderen ook onze opvattingen en buitenstaanders denken soms dat zelfs onze godsdienst aan verandering onderheving is. Alleen de liefde voor de minsten, de armen, de ontheemden en vervolgden blijft. Richt je daarom op die liefde.

Geen mens kan in de toekomst zien.

donderdag, 18 oktober, 2007

Prediker 9:1-6

Toen de dichteres Jaqueline E. van der Waals net voor de Tweede Wereldoorlog hoorde dat ze kanker had maakte ze daar naar gewoonte een gedicht van. “Wat de toekomst brengen moge, mij geleid des Heren hand, moedig sla ik dus de ogen naar het onbekende land”. Het werd een polulair gezang in de kerken en werd zelfs bij de begrafenis van Prinses Juliana gezongen. Het lied is echter geschreven bij deze passage van het boek Prediker. Wat ons zal overkomen weten we niet. Als we nog leven is er nog hoop ook als ons ellende overkomt want het is altijd beter een levende hond te zijn dan een dode leeuw. We zouden het mensen die met zelfmoordplannen rondlopen eens vaker moeten voorhouden. Maar dan zouden we onze samenleving toch wat anders moeten inrichten. Daar zou wat vaker plaats moeten zijn voor mensen die het wat minder in het leven hebben. We zouden mensen wat beter moeten beschermen tegen de dwang om te consumeren, om allemaal een auto te hebben en een verre vakantie, om allemaal de keuken ingericht te hebben met de nieuwste apperatuur en een plasmaTV om ’s avonds naar te kijken. Het nastreven er van is lucht en leegte en najagen van wind. Al die goederen zijn in zichzelf niets waard en het zeker niet waard om je leven naar in te richten. De druk om wat voor te stellen is soms zo groot dat mensen er onder bezwijken. Wanhopig zoeken ze voor zichzelf, en soms zelfs voor hun kinderen, een uitweg uit het leven. Voor Prediker zijn mensen die niks voorstellen ook goed, ze kunnen ook meedoen, ze leven immers en ieder die leeft telt mee en doet mee. We zijn allemaal onderweg naar dat onbekende land “de Toekomst” en niemand komt daar voor het er tijd voor is. Toch zijn er zaken die je aan kunt zien komen als je je ogen open doet. of ze komen hangt af van die open ogen en de stem die je er tegen durft op te zetten. De manier waarop in ons land over de Islam wordt gesproken door sommige populistische politici maakt dat jongeren zich met geweld moeten gaan bewijzen en dat soms mensen, die in de war zijn om heel andere reden, er een excuus in vinden om hun eigen spanningen af te reageren met geweld. We zouden met meer kennis en met meer respect voor medeburgers en hun geloof moeten durven spreken en de oppervlakkige scheldende populisten de mond moeten durven snoeren. In de Internationale Politiek gaat het al net zo. Nu spreken over een derde wereldoorlog vanwege Irak effent meer de weg naar de verkiezing van de volgende Republikeinse President in Amerika dan naar vrede in de wereld. Alleen als we het onder ogen durven zien en echt willen werken aan vrede kan het anders gaan. In Deuteronomium kunnnen we lezen dat we altijd de keus hebben tussen dood en leven, laten we dan het leven kiezen.

Maar de rechtvaardigen werden vergeten in de stad.

woensdag, 17 oktober, 2007

Prediker 8:10-17

Eén maal per jaar is het de internationale vrijwilligersdag. In veel gemeenten in ons land krijgt een uitzonderlijke vrijwilliger of vrijwilligster dan een prijs. Soms is er ook een aanmoedigingsprijs voor een jongere die zich in het vrijwilligerswerk heeft onderscheiden. Die dag is ingesteld om het belang van vrijwilligerswerk onder de aandacht te brengen. overal op aarde is dat kennelijk nodig. Ook die prijzen zijn in het leven geroepen om voorbeelden van vrijwilligerswerk onder de aandacht van de burgers te brengen, ook dat is kennelijk nodig. Enkele jaren geleden is ook het decoratiestelsel herzien. Niet langer is een langdurig dienstverband met één en dezelfde werkgever reden om iemand koninklijk te onderscheiden maar zijn onbetaalde nevenactiviteiten voor de samenleving of voor vrijwilligersorganisaties reden om mensen in onze samenleving koninklijk te onderscheiden. Zonder vrijwilligerswerk komt onze samenleving kennelijk tot stilstand en ontstaan er grote gaten in de sociale samenhang. Het is dan soms ook wel wat raar de nadruk te horen die politici leggen op het vervullen van betaald werk. Het lijkt er op dat de winsten voor de rijken waaraan mensen kunnen bijdragen vele malen belangrijker zijn dan de zorg voor de armen en de sociale samenhang waar mensen aan kunnen bijdragen. Voor het bijdragen aan de winst voor de rijken wordt betaald. Ook al werk je bij de overheid dan draag je daar nog aan bij. De orde in de samenleving is immers bepaald door de rijken en die orde in stand helpen houden draagt bij aan de winsten die zij in hun zak kunnen steken. Zorg voor de armen, de zieken, de gevangenen, de gehandicapten, de jongeren moet daarom onbetaald door vrijwilligers blijven gebeuren. Af en toe een prijs of een lintje moet ze zoet houden. Stel dat de nood in de samenleving de rijken dwingt tot delen. Het is daarom dat de Prediker er op wijst dat de rechtvaardigen in de stad vergeten worden, zij delen niet mee. Ook wijst hij er op dat de rijken die zich rijk hebben gestolen dan wel rijk zijn gebleven omdat ze weigerden met hun rijkdom de armoede te bestrijden eer en roem ontvangen zelfs als ze dood gaan en begraven worden. Een slechte daad, het niet willen delen, wordt niet zo snel bestraft, integendeel het wordt nogal vaak als norm voorgehouden aan de samenleving, daarom denken veel mensen dat die slechte daden navolging verdienen. Daarom zijn er steeds minder vrijwilligers en wordt de nood in de samenleving soms schrijnend zichtbaar bij hangouderen en straatjeugd. Ooit riep de arbeidersbeweging de eerste mei uit tot actiedag voor betere arbeidsverhoudingen, misschien moet de internationale vrijwilligersdag wel een actiedag worden voor een meer rechtvaardige samenleving.

Ik zag dat een mens zijn macht misbruikt om een ander kwaad te doen

dinsdag, 16 oktober, 2007

Prediker 8:1-9

Sommige Bijbelgedeelten laten zich gemakkelijk misbruiken. Hier lezen we zo’n passage. Prediker waarschuwt er voor dat de hoge overheden, hij noemt hier naar de gewoonte in zijn tijd de Koning, niet voor niets hun macht hebben. Paulus zal later in een brief aan de Romeinen iets vergelijkbaars zeggen. Wil je tegen een overheid optreden dan moet je drie keer nadenken en vooral je eigen leven in de waagschaal willen stellen. In Birma hebben de Boedistiche monikken dat ondervonden. Duizenden zijn opgepakt en op onbekende plaatsen gevangen gezet. De andere regeringen wikken en wegen nog of ze daar wel stappen tegen moeten ondernemen. Verwanten pak je immers niet zo maar aan. Maar Prediker besluit met een belangrijke opmerking. Mensen misbruiken hun macht om anderen kwaad te doen. Dat betekent dus niet dat we onze mond moeten houden. Het gaat er immers om het goede te doen en niets dan het goede. Het gaat er immers om de naaste lief te hebben als onszelf omdat dat het zelfde is als God lief te hebben boven alles, en God liefhebben was het begin van alle Wijsheid. De waarschuwing om de Koning te gehoorzamen is dus niet een opdracht om onrecht te bedrijven en de ogen te sluiten voor het misbruik dat wordt gemaakt. Het is geen Bijbels gebod om af te zien van verzet. Maar onbezonnen akties, zinloos geweld en oorlog zonder te letten op de gevolgen voor de armen zijn in de ogen van de Bijbel evenzeer te veroordelen als onrecht en misbruik van macht. Iedereen snapt dat als je boos bent je niet zomaar iemand kan neersteken, dat als je werkgever je niet zint je niet zomaar het bijltje er bij neer kunt gooien en de gevolgen op de samenleving kan afwentelen, maar als het om oorlogen gaat waar we niet met de hele wereld toe hebben besloten dan snappen veel mensen ineens dat dat niet kan. Ook daar geldt hetzelfde. Kwaad is kwaad en goed is goed. Wat slecht is moet slecht genoemd blijven worden en wat goed is verdiend het om als goed te worden aangeprezen. Te vaak wordt macht misbruikt om er zelf beter van te worden. De generaals in Birma doen dat evengoed als de president van Amerika die kennis uit veiligheidsdiensten gebruikt om zijn tegenstanders te belasteren en zijn eigen positie te versterken. Zelfs in onze democratie moeten we oppassen dat de macht niet wordt misbruikt. De klokkenluider die de bouwfraude aan de kaak stelde en zorgde dat criminele bouwmaatschappijen grote boetes moesten betalen voor de roofbouw die ze hadden gepleegd op de samenleving is zelf aan de grond geraakt en woont in een caravan. Niemand die hem te hulp kwam. Niemand in het centrum van de macht in ons land die de voorzitter van Bouwend Nederland, oud CDA minister Brinkman, in het harnas durfde te jagen door de klokkenluider te hulp te schieten. Kijk dus uit.

Wie zal ooit inzicht vinden?

maandag, 15 oktober, 2007

Prediker 7:23-29

Prediker is duidelijk een man. Op zoek naar de Wijsheid vond hij een vrouw. Nu is de Wijsheid in de Bijbel een vrouwelijk element. Daar waar Wijsheid samenvalt met God is God ineens een vrouw en niet een man, lees het boek Spreuken er maar eens op na. Maar mannen denken niet aan God als ze een vrouw tegenkomen. Mannen willen dan man zijn, haantje de voorste. De man wil veroveren, bezitten, zijn lust bevredigen. Een vrouw als gelijke behandelen zoals in het boek Hooglied geschetst wordt is bijna onmogelijk. Dat je elkaar tot hulp moet zijn en dat man en vrouw volgens het lied van de Schepping uit Genesis samen zo geschapen zijn ontgaat de meeste mannen. Nee, de man is volgens de meeste mannen de beschermer van de vrouw, beschermer tegen andere mannen die hetzelfde willen als de man zelf. De vrouw moet van die mannen alleen maar zorgen voor de man die haar beschermt. Zij moet zijn verlangens vervullen en dankbaar zijn voor de bescherming die ze in ruil krijgt. Dat vrouwen zelf verlangens hebben, dat vrouwen gelijk zijn aan mannen komt bij die mannen niet op. Werkelijk een mens is de mens die aan de bedoeling van de schepping beantwoordt. Mensen zijn geschapen als man en vrouw, elkaar tot hulp, gelijk dus. Zelfs vrouwen willen dat dus niet altijd inzien zegt de Prediker en waarschuwt ons dus om maar al te gemakkelijk vrouwen te volgen en daarmee te denken dat je de gelijkheid dient. Die gelijkheid, dat beantwoorden aan de schepping, zal door beiden veroverd moeten worden. De Bijbel staat vol met voorbeelden hoe dat zou kunnen en hoe dat voortdurend mislukt en dreigt te mislukken. Daarom is het zo triest dat die ongelijkheid nog het hardst wordt verdedigd door mannen die zich beroepen op de Bijbel. Mannen die dit gedeelte van Prediker niet uitleggen als een spiegel voor mannen en een waarschuwing voor vrouwen maar als het bewijs dat vrouwen en mannen door God niet geschapen zijn als mens, elkaar tot hulp, maar als het bewijs dat vrouwen de mindere zijn van mannen en dat mannen terecht over vrouwen willen heersten. Wie Prediker goed leest in deze passage zal snappen dat juist als de ongelijkheid hier in wordt gelezen de mens in de val trapt van de vrouw zien als verleidster, als bezit van de man in plaats van als hulp en als mens van wie de man de hulp mag zijn. Prediker zegt dat een zondaar zich laat strikken en een zondaar is immers de mens die denkt het wel zonder dat verhaal van die God van Israel te kunnen. De gedachtenspinsels waar Prediker het over heeft maken een mens tot een god in het diepste van zijn gedachten. Mannen denken vrouwen te kunnen bezitten en daarmee over hen te kunnen heersen, vrouwen denken mannen te kunnen verleiden en daarmee mannen te kunnen manipuleren. Van menszijn, elkaar tot hulp om de naaste te kunnen liefhebben als zichzelf, blijven ze ver verwijderd.

Er is geen mens op aarde die nooit zondigt

zondag, 14 oktober, 2007

Prediker 7:15-22

Voor Prediker is dit een grote troost. Niemand is volmaakt en alsmaar streven naar het volmaakte is op zich ook weer een inspanning die leidt tot lucht en leegte, het is ook najagen van wind. Voor Prediker moet je niet alleen letten op je rechtvaardigheid maar ook op je onrechtvaardigheid. Juist als weet en wil toegeven dat je ook wel eens onvolmaakt bent dan heb je meer macht dan tien stadsbestuurders samen. De politici uit de tijd van Prediker deden net als de policiti van vandaag of ze alles weten en de wijsheid in pacht hebben. Wie al te veel naar de burgers luistert hoort misschien net iets te veel hoe ze je vervloeken. Politici die zich daardoor laten leiden kunnen ook al te gemakkelijk de verkeerde beslissingen nemen.Want waren al jouw vervloekingen achteraf altijd terecht? Niet alleen politici menen vaak de wijsheid in pacht te hebben. Ook gelovigen kunnen daaraan leiden. Ze weten zo goed hoe het zit en hoe het moet dat ze hun geloof aan anderen willen opleggen. De wereld zou immers beter worden als iedereen God zou volgen? Dan wordt de wereld wel beter maar als de mensen gedwongen worden God te volgen dan volgen ze God niet maar hen die ze daartoe dwingt. Fundamentalisten brengen de mensen dus eerder verder van God dan dichter bij God. Ook in de media kom je die schijnzekerheden tegen. Het klimaat verandert en dus zal alles wat we kennen ten onder gaan, stroomt ons land over en is er niet meer te leven in onze omgeving. Met deze boodschap heeft Al Gore uit Amerika zelfs de Nobelprijs voor de Vrede gewonnen. Gebrek aan levensruimte, water en vruchtbare aarde heeft immers vaak tot oorlog geleid en zijn waarschuwingen kunnen oorlogen voorkomen. Dat we niet zo door kunnen gaan met energieverspilling en het vergiftigen van de lucht, het water en de aarde is iedereen wel duidelijk. De wetenschap laat zien dat er mogelijk rampen zouden kunnen gebeuren. Of die ook gaan gebeuren moeten we afwachten. Juist in de wetenschap is maar weinig zeker. Maar zeker is dat als we niets doen we de rampen over onszelf afroepen. Daar is de waarschuwing van Al Gore zeker op z’n plaats. Discussies over de vraag hoe zeker de voorspellingen van de wetenschap zijn, zijn dus weinig vruchtbaar. Het besef dat ook de Ozonlaag aan het herstellen is omdat we anders met drijfgassen en CFK’s om zijn gegaan maakt dat we misschien ook de verandering in het klimaat kunnen ombuigen, nieuwe energiebronnen kunnen aanboren en vergiftiging van het water op aarde kunnen voorkomen. Het belangrijkste daarbij is dat we ons niet schuldig voelen over wat we niet doen maar trots zijn op wat we wel opbrengen, en natuurlijk dat we echt weten te delen met de armsten op de wereld want dat zal echt vrede brengen.

Rusteloosheid heerst in het hart van de dwazen

zaterdag, 13 oktober, 2007

Prediker 7:8-14

In deze dagen zien we onophoudelijk voorbeelden van de waarheid van Prediker. Toen in Amsterdam een voormalig advocaat dood in bad werd gevonden waren de speculaties dat zijn dood iets te maken had met zijn getuigenis in een strafzaak niet van de lucht. Uit de voorlopige doodsoorzaak bleek dat echter niet. Drugs die gebruikt worden om de pret in het leven te verhogen bleken de oorzaak en de handelaren en producenten van die drugs konden snel worden gevat door de politie. Lucht en leegte bleek de pret en het najagen van wind, maar de rusteloosheid waarmee de media zich op de dood van de voormalig advocaat hadden gestort bleek inderdaad in het hart van dwazen te hebben geheerst. Ook op de Amsterdamse school waar een jongen van 16 gestoken werd met een mes bleek de rusteloosheid tot bizarre dwaasheid te hebben geleid. Uit de getuigenissen van jongeren in de dagen er na bleken er toch op die school minder dwazen rond te lopen dan uit de moord zou kunnen worden afgeleid. De jongeren hadden eerst de dader aangehouden en overgedragen aan de politie om vervolgens afstand te nemen van aggressief gedrag ook als je ruzie hebt. Sommige scholieren vroegen zelfs om detectiepoortjes om mogelijke daders tegen hun eigen rusteloosheid en kwaadheid te beschermen. Veel ouders zullen zich afvragen waar de tijd gebleven is dat zij rustig en met een veilig gevoel naar school gingen. Het is dwaas daarnaar te vragen zegt de Prediker. En Prediker heeft gelijk. Sinds de dagen van de oude Grieken, toen Plato klaagde over de houding van jongeren, wordt er in elke generatie geklaagd over de houding van de jeugd. De nozems uit de jaren 50 zijn nu, een paar jaar nadat ze met pensioen zijn gegaan, tot hangouderen uitgegroeid, maar iedereen lijkt de nozems met hun brutaliteit en geluidsoverlast te zijn vergeten. Er zijn daarna toch ook tijden geweest dat de politie elk weekeinde de binnenstad van Amsterdam met de wapenstok moest ontdoen van relschoppende jeugd. Met die tijden vergeleken is het tegenwoordig rustig, ondanks het zinloze geweld dat van tijd tot tijd de rust verstoord. We moeten dus leren van de goede dagen waarop rust en wijsheid het leven lijken te besturen. Dat er slechte dagen zijn moeten we dan maar op de koop toe nemen. Het enige dat we kunnen doen is ons om elkaar bekommeren, luisteren naar jongeren die met hun woede en kwaadheid geen weg weten en proberen met hen verstandige wegen te vinden om hun kwaadheid te uiten en hun problemen op te lossen. Juist op de vele scholen voor voortgezet onderwijs zijn er veel leraren die dat dag in dag uit proberen. Niet altijd met succes, maar meestal wel. Ze verdienen de steun en de aandacht van volwassenen en leerlingen en de steun en waardering van de politiek, dat brengt wellicht nog meer rust.

Beter een goede naam dan een kostbare geur

vrijdag, 12 oktober, 2007

Prediker 7:1-7

Soms is het moeilijk de Prediker serieus te blijven nemen. Het is beter dat je gaat naar een huis vol rouw dan naar een huis vol feestrumoer want in een huis vol rouw eindigen we allemaal. Het klinkt als een mop, net als de uitspraak dat je beter droevig kunt zijn dan vrolijk want bij een droevig gezicht maakt het hart het goed. We moeten bij deze passage niet vergeten dat Prediker ons een aantal malen op het hart heeft gedrukt dat iedereen dood gaat en dat je bezit, aanzien en rijkdom niet mee kan nemen als je dood gaat. Door aan dat dood gaan te denken wordt het makkelijk om je bezit te delen of weg te geven. Als je er niet van kunt genieten laat een ander er dan van genieten en geniet daar zelf ook nog van mee lijkt de Prediker te zeggen. Dit gedeelte begint met het noemen van de goede naam en een goede naam krijg je door veel te geven en over te hebben voor je naaste. Een slechte naam krijg je door je als vrek te gedragen en je te tooien met kostbare kleding en kostbare parfums. Daarom is het beter een goede naam te hebben dan een kostbare geur. Dat denken aan de dood hoeft je dus niet te weerhouden te genieten van het leven. Met de oproep droevig te kijken vervalt niet de oproep te genieten van wat je hebt. Maar Prediker brengt je wel bij echt genieten. In de negentiende eeuw zei een dichtende dominee uit Heiloo eens dat Humor het lachen door tranen heen is. Prediker is hier een humorist bij uitstek. Juist door je te realiseren hoe betrekkelijk het leven is kun je de vreugde van het leven des te meer beleven, het kan immers elk moment afgelopen zijn en het zou toch jammer zijn als je er dan niet van hebt genoten omdat je nog zo ijverig bezig was om goederen en rijkdom te vergaren. Daarom is het ook zo onvoorstelbaar dat staten muren bouwen waardoor de invoer van producten die door de armen zijn gemaakt bijna onmogelijk wordt. Ook staten gaan in de geschiedenis van de aarde voorbij. Op de duizenden jaren waarop in ons land mensen wonen bestaat ons land nog niet eens 500 jaar en ons koninkrijk nog niet eens 200 jaar. Als we ooit kiezen voor Europa, dat kan vlugger dan je denkt, dan is ons land ineens van land tot provincie geworden en het zou toch jammer zijn dat we dan de naam hebben niet te delen met de armsten in de wereld. Het zou toch beter zijn dat deze toekomstige provincie van Europa als nalatenschap het imago nalaat van de grootste pleitbezorger van een eerlijke verdeling en van mensenrechten. We zijn op de goede weg want we hebben al de internationale rechtbanken binnen onze grenzen. Rechtvaardigheid hoort al tot onze goede naam, nu het eerlijk delen nog.