Home | About | Disclaimer | Emea.nl

Archief voor april, 2007

Onmiddellijk stond hij op

maandag, 30 april, 2007

Handelingen 9:32-43  

Nu Saulus naar huis in Turkije is gestuurd is er in het verhaal over de Apostelen weer ruimte voor Petrus. En over hem worden een aantal opstandingsverhalen verteld. Op de grens nog wel van Israel en de rest van de wereld. Eerst in Samaria waar al Joden woonden die niet echt als Joden werden geaccepteerd. Daar woonde ook ene Eneas. zijn naam is gelijk aan de Romeinse Aeneas. Over die laatste was in de tijd van het verschijnen van het boek Handelingen ook net een boek verschenen, van de schrijver Virgilius. Aan die Aeneas werd de stichting van Rome toegeschreven. De oorsprong van Rome lag echter al een tijdje verlamd op bed. Handig natuurlijk want als je dat acht jaar doet dan zijn er allerlei mensen die voor je zorgen. Opstaan dus, de liefde van Jezus van Nazareth maakt immers dat jij voor andere mensen zorgt en niet meer voor je laat zorgen dan strikt noodzakelijk is. De mensen die het boek van de Handelingen voor het eerst lazen wisten al dat uiteindelijk dat hele Romeinse Rijk doordrongen zou worden van mensen die op de manier van Jezus van Nazareth wilden gaan leven. Dat werd volgens dit verhaal over Eneas dus een heel nieuw rijk. Petrus gaat tot aan de grens van Israel, hij is aan het hele Romeinse Rijk nog niet toe. Joppe is de havenstad waar ooit de profeet Jona scheep ging. Een havenstad waar je een dubbel paspoort kunt hebben en namen in verschillende talen. Dorcas woonde daar en zorgde voor de weduwen van de stad zoals er voor weduwen gezorgd moet worden. Maar Dorcas ging dood. Zou de liefde van Jezus van Nazareth echt door de dood heen volgehouden kunnen worden? Petrus blijft bij zijn eigen taal en spreekt haar aan bij haar Aramese naam en niet in het Grieks. Maar opstaan doen die Christenen, tegen de dood in. In Jeruzalem was het Jezus van Nazareth, aan de grens van Israel was het Dorcas. Wij kennen de naam Dorcas van de hulporganisatie uit Andijk waar Christenen samen mensen in nood gingen helpen en tot hun eigen verbazing er achter kwamen dat al die goederen die ze over hadden de bron werden van een organisatie die jaren en jaren zou blijven werken. Opstaan tegen de ellende in de wereld kunnen we dus allemaal. Vandaag zullen zeer veel mensen hun overgebleven welvaart verkopen op een vrijmarkt van Koninginnedag. Misschien dat een deel van de opbrengst van vandaag gedeeld kan worden met een van die vele organisaties in ons land die zich druk maken voor de weduwen, de armen, op deze wereld. Zo dat ook zij kunnen opstaan en leven.

 

Allen die hem hoorden waren stomverbaasd

zondag, 29 april, 2007

Handelingen 9:19b-31

Je hebt dat ook tegenwoordig nog wel. Mensen die bekeerd zijn en dan nog fanatieker zijn dan de oorspronkelijke aanhangers. Zo moet het met die Saulus ook gegaan zijn. Hij kwam om te vervolgen maar vervolgens maakte hij oproer. Moet je eens voorstellen. De Joden zijn in het buitenland en vormen daar toch al een minderheid. Ze hebben de nodige moeite om hun eigen geloof, hun eigen cultuur te bewaren en dan komt er een vreemde snoeshaan, ook zo’n buitenlandse Jood, die ze vertelt dat ze bevrijd worden als ze meegaan in het verhaal van Jezus van Nazareth. Diezelfde Jezus die door de machthebbers van het rijk en door de autoriteiten van de Tempel is veroordeeld en een slavendood is gestorven. Hij bleef liefhebben ook door de dood heen is dan de boodschap. Levensgevaarlijk is zo’n optreden zeker als dat ook nog een beetje fanatiek wordt gebracht. Het gooit alles in de war, het schept partijen, de een is het eens met die Saulus de ander vindt het maar niks. Weg met Saulus, en in een mand over de muur moet de vervolger vluchten voor zijn vijanden. Terug naar Jeruzalem, naar de mensen die hij eerst uit hun huizen sleurde. Geen wonder dat die christenen bang voor hem waren. En dan gaat hij opnieuw in discussie met de Grieks sprekende Joden. De buitenlanders dus, die toch al moeite hadden om geaccepteerd te worden. Grieks sprekende weduwen werden zelfs in de Christelijke gemeente bijna achtergesteld. Ze waren de aanleiding om ook Grieks sprekende voorgangers, diakenen, aan te stellen. Voor de gemeente in Israel, de gemeente in opbouw, is het allemaal maar niks dat optreden van die Saulus. Hij moet maar terug naar huis, naar Turkije, naar Tarsus, daar komt hij immers vandaan, daar kennen ze hem. En dan keert inderdaad de rust weer. Niet dat de groei afneemt. De gemeente blijft groeien. En het aantal gemeenten blijft groeien. Dat slaan op de trom en het opzetten van een grote mond is dus nergens voor nodig. Liefde laten zien, je vijanden lief hebben, je naaste liefhebben als je zelf, delen wat je hebt en de maaltijd houden met iedereen ongeacht afkomst of nationaliteit. Dat is wat er voortdurend staat in dit verhaal. Dat is wat we zelfs vandaag de dag nog moeten leren. Wat we de komende week moeten oefenen als we herdenken wat er kan gebeuren als we dat “samen doen” volkomen zijn kwijtgeraakt en weigeren in mensen nog medemensen te herkennen. Morgen ons eerst maar verbazen over de overvloed die er onder ons is, misschien kunt U delen met de armen in de wereld.

 

Over al het kwaad dat hij uw heiligen heeft aangedaan

zaterdag, 28 april, 2007

Handelingen 9:10-19a 

Hoe ga je met je vijanden om? Jezus van Nazareth riep eens dat je je vijanden lief moet hebben. Maar dat is gemakkelijk gezegd. Ananias zit wat dat betreft met een dilemma. Hoe laat je die Saulus dan inzien dat hij verkeerd zit. Die Saulus heeft volmachten van de Priesters in Jeruzalem om jou op te laten pakken. En toch moet je die Saulus lief hebben. Er op af klinkt het in het hoofd van Ananias. Door de dood heen moet die liefde een kans krijgen anders is het niks als vrome woorden maar zonder waarde. En zo gebeurd het, Saulus die al met de vraag zat waarom die volgelingen van Jezus van Nazareth eigenlijk vervolgd moeten worden ziet nu ook wat het betekent je naaste lief te hebben als jezelf. Ook hij besluit die nieuwe Weg in te slaan en zich te laten dopen, om vervolgens samen te eten want dat geeft nieuwe kracht. Wij hebben tegenwoordig vergelijkbare vragen. De polarisatie in onze samenleving neemt toe. Islamitische stromingen die integratie met onze Heidense samenleving afwijzen winnen aan invloed. En wat is het antwoord, die godsdienst dan maar verwerpen, verguizen, belachelijk maken en oproepen tot verbieden? Het is wat Wilders doet en hij roept het gevoel op bij mensen in het Midden Oosten dat je dat Christelijke Nederland maar moet gaan mijden, de contacten er mee moet verbreken en Nederlanders in je buurt moet wantrouwen en misschien ook wel vervolgen. Die consequenties onder zijn aandacht brengen heet bij hem intimidatie want hij kan kennelijk niet in andere termen denken dan haten of gehaat worden. Dat je elkaar kan helpen met liefde gaat er niet bij hem in. Dat je misschien naar een radicale moskee toe moet om de mensen in te laten zien dat dat christendom alleen vraagt om met elkaar te delen, desnoods door de dood heen, en dat je er misschien nog wel een keer moet heengaan en samen moet eten gaat er bij Geert Wilders niet in. Het is goed dat er met hem over de gevolgen van zijn haatzaaiende en opruiende boodschappen gesproken wordt. Het is te hopen dat ook zijn medeparlementariërs de moed kunnen opbrengen om hem de schellen van de ogen te doen vallen. Wij zullen ondertussen zelf naar onze Islamitische broeders moeten gaan om in navolging van Ananias vrede te stichten door Liefde te laten zien. Soms vraagt het moed, maar het moet niet voor niets door de dood heen.

Waarom vervolg je mij?

vrijdag, 27 april, 2007

Handelingen 9:1-9

Bekeringsverhalen zijn altijd bloemrijk en dat mag natuurlijk ook wel. Het is niet niks als je plotseling het licht ziet en doorkrijgt dat hetgeen waarmee je bezig bent nu net het tegendeel is van hetgeen je wilt bereiken. Het verhaal van Paulus volgt niet voor niks op de verhalen over Filippus. Terwijl Saulus van Tarzus in Jeruzalem nog bezig was om Christenen uit hun huis te sleuren was Filippus al bezig de hoge ambtenaar uit Ethiopië te dopen en was de Griek Nicolaüs al onderweg naar huis in Damascus. Die vervolging door Saulus bereikte het tegendeel van haar doel. Niet een vernietiging van de beweging van aanhangers van Jezus van Nazareth, de mensen van de Weg genoemd in dit verhaal, maar een uitbreiding van het aantal aanhangers en een verspreiding over een steeds groter gebied. En dat alles zonder geweldadig verzet. Buiten Jeruzalem op weg naar Damascus gaat Saulus het licht op. De manier waarop zijn ijver zich ontwikkelde moet een geweldige indruk gemaakt hebben. Hij valt van zijn paard en is blind van de schok die alles meebrengt. We gebruiken de namen Saulus en Paulus door elkaar maar dat is niet helemaal terecht. Deze man uit het Turkse Tarzus was een Jood van buiten Israel. Hij had de nationaliteit van de Romeinse bezetter en was dus eigenlijk een buitenlander. En juist omdat die beweging van Jezus van Nazareth zoveel buitenlanders toeliet en zelfs Grieks sprekende bestuurders aanstelde werden ze vervolgd. Saulus zou dus eigenlijk ook zichzelf moeten vervolgen en buiten Israel komt zijn identiteit natuurlijk ter discussie. Gaat hij verder als Romeins Staatsburger of als Joods gelovige. Pas na zijn doop, zijn aanvaarding van de nieuwe Weg, gaat hij verder als Paulus, de Romeins staatsburger die op de manier van Jezus van Nazareth het gebod van Israel elkaar lief te hebben als jezelf over de wereld uitdraagt. De vraag over het waarom van vervolging is in onze dagen de vraag van Amnesty International geworden. Waarom worden mensen vervolgd die een andere opvatting of een ander geloof hebben dan de vervolgers. Wij moeten oppassen daarbij niet in het kamp van de vervolgers terecht te komen. De manier waarop in ons parlement soms over de Islam gesproken wordt maakt die vrees actueel. Wij zullen iedereen moeten liefhebben op de manier waarop Jezus van Nazareth dat deed. Of ze nu Hindoe zijn, of Islamiet, of ongelovig, of in de goddelijkheid van dieren geloven, moet ons niet uitmaken. Voor ons is ieder mens even lief en moeten we ieder mens bewegen mee te gaan op de weg van delen met onze naasten.

 

 

Als niemand mij uitleg geeft

donderdag, 26 april, 2007

Handelingen 8:26-40

Soms lijkt het zo eenvoudig dat lezen van de Bijbel. Er zijn mensen die onophoudelijk zinnetjes uit de Bijbel citeren en daarmee proberen hun geloof aan te tonen, of te showen. Er zijn zelfs onderwijzers die de kinderen op hun school losse zinnetjes uit de Bijbel uit het hoofd laten leren en laten opdreunen. Teksten noemen ze die zinnetjes. In het leesrooster geven ze het begin en het einde van het Bijbelgedeelte van de dag aan. Toch hoort die indeling niet echt bij de Bijbel. Ze is handig om de Bijbel te bestuderen en er met anderen over te praten maar ze hebben met de boodschap van de Bijbel niks te maken. Want de Bijbel echt lezen vraagt iets heel anders. Wij lezen de Bijbel in de Nieuwe Vertaling van het Nederlands Bijbelgenootschap, maar er zijn wel 36 verschillende vertalingen van de Bijbel in het Nederlands en soms maakt het nog al verschil welke vertaling je leest. Neem nu het verhaal van vandaag. Weer een verhaal over Filippus, de tweede generatie zendeling, uit het Grieks sprekende deel van de bevolking.  Die kwam een hoge ambtenaar tegen, van de Koningin van Ethiopië. De schatbewaarder, de man die dus wist waar de rijkdom was maar ook gehoord moet hebben van de armoede. Die man was naar de Tempel in Jeruzalem geweest en las nu in het boek van de profeet Jesaja. Hij zal van de Wet gehoord hebben, van het je naaste liefhebben als jezelf. En dan kom je een tekst tegen waarin de profeet iemand beschrijft die zich als een lam naar de slachtbank liet leiden. Wij weten dat die profeet het verzet tegen de overmacht van de vijand veroordeelde en de mensen voorhield dat ballingschap niet het einde zou betekenen maar dat ze terug zouden keren beladen met geschenken. Filippus heeft natuurlijk het beeld van Jezus van Nazareth op zijn netvlies die de liefde voor de naaste volhield door de dood heen zelfs. Die hoge ambtenaar was niet voor niets naar Jeruzalem gereist. Die manier van leven, de manier die de Joden hem hadden voorgehouden en Jezus kennelijk had voorgeleefd en Filippus had uitgelegd spraken hem aan. Daarom wilde hij het oude leven afspoelen om een nieuw leven te kunnen beginnen. Als je dat hebt gedaan kun je er namelijk elk moment weer opnieuw mee beginnen. Daar is uitleg en studie voor nodig, alleen het handelen is eenvoudig, dat kan een kind begrijpen. Het lezen van de Bijbel is iets wat je elke dag moet doen, zinnetjes alleen, losse teksten, brengen je alleen maar op een dwaalspoor. Zoek daarom ook vandaag het goede te doen, en lees dit verhaal nog eens rustig na.

U kunt geen deel hebben aan onze taak

woensdag, 25 april, 2007

Handelingen 8:14-25

Vandaag gaat het dus over het begrip simonie. We hebben het er al eerder over gehad. Simon de Tovenaar wilde de positie van Petrus en Johannes ook wel en had daar veel geld voor over. Simonie werd het verschijnsel dat kerkelijke ambten te koop waren, een volgens de kerk verwerpelijk verschijnsel. In de wereld van winst en profijt is het heel gewoon. Mensen die zeggen aan de top van grote bedrijven te staan bedingen opties en bonussen en ontlenen het belang en het aanzien van hun bedrijf vervolgens aan de schittering en de omvang van hun opties en bonussen. Als ze een beetje slim zijn zorgen ze er zelfs voor dat als het slecht gaat met hun bedrijf de opbrengst van hun bonussen en opties toeneemt. De arbeiders zijn daarbij hun loon niet waard, busschauffeurs moesten deze week in staking om een loonsverhoging te krijgen die de stijging van de prijzen bijhoudt. Het systeem in het bedrijfsleven van hoge beloning voor de zich top noemende bestuurderskliek deugt dus van geen kant gezien vanuit het verhaal van Jezus van Nazareth. Het is dan ook het CDA die zich als hardnekkig verdediger van dit systeem opstelt. Zijn dan de kerken vrij van deze zonde? Officieel zijn de Protestantse Kerken en de Rooms Katholieke Kerken wel vrij van deze praktijk. Als iemand op dit gebied in de fout gaat wordt dat streng veroordeeld. Bij vrije Evangelische groepen wordt nog wel eens heel sterk de nadruk gelegd op de vrijgevigheid die echte gelovigen horen te hebben. Van die vrijgevigheid profiteren soms voorgangers op een wat al te ruime manier. Maar ook in officiële kerken schuilen op het gebied van de ambten gevaren. Dominees en Priesters zijn immers afhankelijk van het financiële wel en wee van hun kerk. De leden met de hoogste inkomens dragen aan dat financiële wel en wee het meeste bij. Hen naar de mond praten lijkt soms voor de hand te liggen. Protesten van de Kerken tegen de bonussen en opties in het bedrijfsleven en de exorbitante zelfverrijking die daarmee gepaard gaat blijven tot nu toe uit. Leden van de Kerken lopen zich het vuur uit de sloffen in de voedselbanken. Maar de Geest van Jezus van Nazareth, de Geest van Liefde en van Delen van alles wat je hebt, zal van hoog tot laag ook in de Kerken moeten doordringen. Dat was de zending van Petrus en Johannes, dat is ook de bedoeling van het lezen van dit verhaal. We zullen er in de wereld, maar ook in de Kerk, mee aan de gang moeten.

 

Alle inwoners luisterden

dinsdag, 24 april, 2007

Handelingen 8:1-13

Machthebbers schijnen het nooit te leren. Hier weer zo’n verhaal waaruit machthebbers leren hadden kunnen trekken. Die beweging van Jezus van Nazareth had Joden en Grieken bij elkaar gebracht. En nu ging een van de voorgangers, Stephanus, het gebod van de Joodse God om elkaar Lief te hebben in het Grieks verkondigen. Natuurlijk werd die Stephanus gestenigd, we vertalen het Wilhelmus toch ook niet in het Marokaans, Arabisch of Berbers. Maar dan vluchten al die Griekssprekende aanhangers van Jezus van Nazareth naar de omliggende landstreken, Filippus de diaken voorop, en daar werven ze nog veel meer volgelingen. Saulus kan in Jeruzalem nog zo veel Joodse aanhangers uit hun huizen sleuren het helpt niet. Het is net als bij de oorlog tegen Irak en Afghanistan. De beweging die zegt dat je de rijkdommen van het Midden Oosten in het Midden Oosten moet verdelen en de macht moet laten bij de volken van het Midden Oosten, mag dan wel de verkeerde middelen gebruiken, door ze op te jagen en met geweld te bestrijden lijkt die beweging alleen maar groter te worden. De beweging van Jezus van Nazareth trekt in het verhaal van vandaag ook mensen aan die met de nek werden aangekeken. De Samaritanen bijvoorbeeld. Zij hadden zich een paar eeuwen daarvoor gemengd met Syriërs en werden niet als echte Joden beschouwd. Zelf beschouwden ze de Joden als afvalligen omdat die de eerste vijf boeken van de Bijbel hadden uitgebreid met Psalmen, verhalen, en boeken van Profeten. Maar dat de kern van de Bijbel lag in het elkaar liefhebben als jezelf dat geloofden ze nog. Daar kwamen ze op af. Zelfs hun tovenaar Simon bekeerde zich. Al probeerde die Simon er later nog een financiëel slaatje uit te slaan hetgeen zijn naam spreekwoordelijk maakte. Als in een kerk de ambten te koop zijn spreken we van simonie. Zo werd het bloed van  martelaren als Stephanus het zaad van de Kerk. De moord op Stephanus veroorzaakte een kettingreactie waardoor de volgelingen uitzwermden, uiteindelijk over de hele wereld. Het is niet voorbehouden aan de Kerk, de inval in Irak en Afghanistan deed de haat tegen Amerika uitwaaien over de hele wereld. We moeten ons dus ook bedenken wat we zaaien, liefde of haat. Want wat we zaaien zullen we oogsten, en als we goed zaaien oogsten we honderdvoudig. Dan toch liever de liefde gezaaid, ook in het klein vandaag.

Verijdelt wat naties beramen

maandag, 23 april, 2007

Psalm 33

Ook deze werkweek beginnen we met een lied uit de liedbundel van de Bijbel, het boek van de Psalmen. Liederen spelen een grote rol in de godsdienst van Israel, en ook in de godsdienst van de Christenen. Niet alles is in gewone woorden te vatten. Een groot deel van de godsdienst bestaat uit dromen en idealen. Dromen van een wereld waar geen tranen meer zijn, het ideaal van alle mensen die meedoen met de samenleving en voor elkaar zorgen, de droom en het ideaal van de onvoorwaardelijke en onbaatzuchtige liefde die alle mensen vervult. Daar zingt ook deze Psalm over. Voor het volk Israel waren de zee en de oceanen zeer bedreigend en ze stelden die vaak gelijk met het rijk van de dood. Dan mag je zingen dat God ze in zijn hand sluit en dat je er niet meer bang voor hoeft te zijn. En in onze dagen geldt dat als we werkelijk van de mensen op aarde houden wij gaan zorgen dat de CO2 uitstoot vermindert. Kerkinactie heeft alle leden van de Protestantse Kerk Nederland opgeroepen Groene Stroom te gaan gebruiken. Als we met elkaar de klimaatverandering weten te stoppen hoeven we inderdaad niet meer bang te zijn voor de smeltende poolkappen en de stijgende zeespiegel. Daarvoor is het wel nodig dat we ophouden de goden van winst en profijt te dienen. Maar het kan, naties en koningen, regeerders en machthebbers, rijken en aandeelhouders hebben het uiteindelijk niet te vertellen op aarde. Het zijn gewone mensen die dagelijks zwoegen en zweten voor hun brood die bepalen wat er gekocht wordt en hoeveel energie er verspild blijft worden. Niet het aanbod van de fabrieken maar de vraag van de consumenten bepaald immers de markt. En als de consumenten zich laten leiden door liefde voor alle mensen dan veranderd de vraag van het gemakkelijkste en goedkoopste naar het zorgzaamste en het eerlijkste. We staan als land weer aan de vooravond van onderhandelingen tussen rijke en arme landen over de handelsstructuren, de tarieven van invoer en uitvoer en de bescherming van producten ten concurentie uit de arme landen. We weten dat daar gekeken kan worden naar alles wat in dienst staat van de Liefde voor de mensen. We zullen nu kunnen eisen dat recht en gerechtigheid eindelijk geschied aan hen die lijden aan honger en ellende. Daarom zingen we vandaag dat recht en gerechtigheid zullen overwinnen en dat wij dat echt mogen meemaken. We maken het mee als we het ook echt samen willen.
 

Een goede herder

zondag, 22 april, 2007

Johannes 10:11-16  

De meesten van ons hebben geleerd dat een herder boven ons staat. De beste herder was Jezus van Nazareth en voor protestanten zijn er dan nog de dominees die als pastors ook herders willen zijn. Pastor is immers het latijn voor herder. In de Rooms Katholieke Kerk heb je dan ook nog de Paus, de Bisschoppen en de Pastoors die allemaal pretenderen herders te zijn van hun kudde, het gelovige volk. Vandaag wordt in veel kerken gepreekt over de verkiezing van de 7, dat verhaal uit Handelingen over diakenen dat we van de week ook thuis hebben gelezen. Een mooie gelegenheid om weer eens over dat herderschap na te denken. Maar dat je als gelovige zelf de opdracht hebt herder te zijn hoor je toch maar weinig. Toch is het in de navolging van Jezus van Nazareth goed om te beseffen dat als hij zich als herder zag wij ons ook als herder moeten gaan zien. Niet om mensen voor te schrijven wat ze wel en niet moeten doen. Een herder volgt de schapen en stuurt ze niet, schapen laten zich nu eenmaal niet sturen. Een herder beschermt ook de schapen, tegen vijanden, tegen ziekten en tegen uitputting. Zo moeten wij ook zijn voor onze naasten. En dan niet alleen de naasten die we kennen en verstaan maar ook de naasten die niet uit onze schaapskooi komen, de vreemdelingen onder ons. Op de een of andere manier blijft de Bijbel er op hameren dat je de liefde nooit exclusief voor de mensen moet houden die je toch al kent en vertrouwt. Beschermen betekent dan ook je leven op het spel durven zetten. Zorgen betekent ook niet ophouden voordat je contact hebt met iedereen die op je pad komt. Zorgen dat mensen bij elkaar blijven, dat ze een eenheid kunnen gaan vormen, één kudde, met één herder. De synode van de Protestantse Kerk noemde deze week de verdeeldheid onder de kerken een schande maar de verdeeldheid tussen de volken in deze wereld is eigenlijk nog een grotere schande. Dat wij weigeren in mensen met een andere taal, een andere cultuur, een ander geloof en een ander uiterlijk broeders en zusters te herkennen leidt ons voortdurend tot geweld en doodslag. Korporaal Strik in Afghanistan is er aan gestorven, de mensen op de Universiteit in Virginia zijn er aan gestorven net als zovelen dag in dag uit weer. Bijdragen aan die verdeelheid is het tegendeel van het herderschap van Jezus van Nazareth, tot dat herderschap zijn wij geroepen, laten we horen en volgen.
 

Hij zal weidegrond vinden

zaterdag, 21 april, 2007

Johannes 10:1-10

De afgelopen week is er een stichting in het leven geroepen die gaat bevorderen dat koeien weer in de wei lopen. Want koeien in de wei beschouwen we als het meest natuurlijke dat er is. In de Stichting doen ook kaasfabrieken mee en een supermarkt. Kaas gemaakt van melk gegeven door koeien die in de wei gelopen hebben is nu eenmaal lekkerder dan kaas van melk gegeven door koeien die op stal hebben gestaan. Zowel voor de koeien in onze weiden als voor de schapen uit het verhaal van Jezus van Nazareth zijn daarom goeie boeren nodig. Boeren met aandacht voor de beesten, ja zoveel aandacht dat zelfs één schaap dat van de kudde afdwaalt achterna gegaan wordt om het terug te vinden. Jezus van Nazareth noemt zich hier zelf de deur, wij zeggen misschien eerder dat hij de sleutel tot het verhaal is. Dit weekeinde keren we thuis even terug naar het Evangelie van Johannes om daarin nog eens na te lezen wat de betekenis ook al weer was van Jezus van Nazareth. Doel is kennelijk een vruchtbaar leven te leiden. Een dief immers leidt geen vruchtbaar leven maar teert op hetgeen anderen hebben voortgebracht. Koeien en schapen hebben een eigen groene weide nodig om vruchtbaar te zijn. Zo hebben wij mensen een goede houding naar elkaar nodig om vruchtbaar te zijn. Zelf werken, zelf leren om te werken, zelf zorgen zijn slogans die vruchtbaarheid veronderstellen. Je moet wat weten voort te brengen. Deze week hebben we met het drama aan die Amerikaanse technische universiteit weer eens gemerkt hoe zeer ook samen leven en samen delen tot vruchtbaarheid leidt en het ontbreken er van tot groot onheil kan leiden. De manier waarop Jezus van Nazareth onophoudelijk en onvoorwaardelijk zijn liefde toonde hebben wij over het algemeen nog niet geëvenaard. Wij laten iemand die raar doet maar langs de kant staan, wij lopen er het liefst met een boog omheen. Kamergenoten van de dader hadden hem in twee jaar nog nooit horen praten. Wie accepteert nu zoiets van iemand met wie je zo nauw samen moet leven. Als Jezus van Nazareth de sleutel is tot ons bestaan, als we kiezen voor hem als herder, of in ons geval als boer die ons weidt, dan moeten we ons elke dag afvragen om wie wij heen gelopen zijn. Wie zagen we niet staan omdat die ons te ingewikkeld was, omdat samen leven met die persoon wel heel erg moeilijk is. Het ging Jezus om de minste van zijn broeders, wij zijn geroepen om het voor hem te doen. Een hand uitsteken, en niet accepteren dat die geweigerd wordt is dan het minste dat we kunnen doen, en het vruchtbaarste.